Nieuws

Wetboek van de Belgische nationaliteit

Krachtlijnen laatste wijzigingen wet van 18 juni 2018, art. 137-156:
- Bij onmogelijkheid de geboorteakte voor te leggen wordt nu ook wettelijk bepaald dat gelijkwaardige documenten afgeleverd door het consulaat van het land van geboorte enkel nog aanvaardbaar zijn voor landen vermeld op de lijst bij KB (art. 5 WBN).
- Voor vluchtelingen en EU-burgers begint het wettelijk verblijf te lopen vanaf de indiening van hun aanvraag tot verblijf of internationale bescherming (art. 7bis WBN).
- De nationaliteitsverklaring voor tweede-generatiemigranten (kinderen tot 12 jaar in België) wordt weggehaald uit art. 11 § 2 WBN en terug ondergebracht (samen met de procedureregels) in art. 11bis WBN.
- Er wordt bevestigd dat de hoofdverblijfplaats steeds op grond van een wettelijk verblijf moet zijn gevestigd (art. 12bis WBN).
- De terminologie van de inburgeringscursus ten bewijze van maatschappelijke integratie (art. 12bis § 1 2° en 3° WBN) wordt aangepast naar “met succes gevolgd van inburgeringstraject, onthaaltraject of integratieparcours voorzien door bevoegde overheid van de hoofdverblijfplaats van betrokkene op het tijdstip dat hij dit aanvat". Dit sluit beter aan bij de realiteit in de diverse gemeenschappen. Om toe te laten dat de Brusselse situatie waarbij er ook inburgeringscursussen ingericht worden door andere organisaties (en niet de bevoegde overheid) bepaalt nieuw art. 31 WBN dat het succesvol volgen van een dergelijke cursus ook kan aanvaard worden in zoverre begonnen uiterlijk op 1/8/2021. - De ingewikkelde regeling waarbij een extra bewijs van kennis van de landstaal van het taalgebied waarin de vreemdeling woont moest worden bewezen indien hij zijn inburgeringscursus ten bewijze van maatschappelijke integratie in een ander gewest had gevolgd, wordt afgeschaft (oud art. 12bis § 2 WBN).
- Er wordt opnieuw een procedure ingevoerd voor de vreemdelingen die onterecht meer dan 10 jaar lang als Belgen behandeld werden, wanneer hun nationaliteit wordt betwist omdat de Belgische nationaliteit ten onrechte was verleend (art. 17 WBN).
- Belgen die in het buitenland geboren werden en geen verklaring tot behoud aflegden tussen hun 18 en 28 jaar, blijven toch Belg indien ze een Belgisch paspoort of Belgische identiteitskaart kregen uitgereikt in die periode (art. 22 § 5 WBN). Zij die voorheen toch de Belgische nationaliteit verloren hebben op deze basis, kunnen een verklaring tot herkrijging (art. 24 WBN) afleggen zonder noodzakelijkerwijs ten minste 12 maanden ononderbroken in België in wettelijk verblijf te hebben verbleven en zonder toegelaten of gemachtigd te zijn tot een verblijf van onbeperkte duur (beoordeling door parket).
Overzicht regelgeving:
- gecoördineerd Wetboek van de Belgische nationaliteit (met overzicht van de wijzigingen van 2012 tot 2018)
- KB 14 januari 2013 met errata
- KB 17 januari 2013: lijst van landen waar het verkrijgen van akten van geboorte onmogelijk is op of zware moeilijkheden botst
- Omzendbrief
- codes Rijksregister
- registratiekantoren voor heffing registratierecht.
Handige overzichten van de gevraagde akten en stavinggstukken (aangepast aan de Wet van 18 juni 2018!):
- art. 11bis
- art. 12bis § 1 1° WBN
- art. 12bis § 1 2° WBN
- art. 12bis § 1 3° WBN
- art. 12bis § 1 4° WBN
- art. 12bis § 1 5° WBN
- art. 17
- art. 24 WBN.
Modellen verwerking dossiers:
- documentaire akten 2013 en documentaire akten 2018
- een model-verklaring
- een attest bij het afleggen van de verklaring
- een brief om te voegen bij de kennisgeving van de ontbrekende stukken
- een brief met beslissing van niet-ontvankelijkheid
- het ontvangstbewijs wanneer de verklaring volledig wordt bevonden
- een ontvangstbewijs voor het overhandigen van een naturalisatiedossier aan de ambtenaar van de burgerlijke stand - specifiek voor de verwerking van de verklaringen op basis van art. 11bis WBN: een attest bij het afleggen van de verklaring, een brief én aangepaste kennisgeving ontbrekende stukken, het ontvangstbewijs van de volledigheid van het dossier en een brief met beslissing van niet-ontvankelijkheid.
Verder:
- overzichtsdocument met de belangrijkste wijzigingen 2012-2103.

Opleidingen Vanden Broele i.s.m. VLAVABBS:

Nationaliteit (Instituut voor de Gerechtelijke Opleiding)

Opleiding Wetboek Belgische nationaliteit voor magistraten, maar met mogelijkheid voor beambten burgerlijke stand om deel te nemen: Brussel 14/11/2018. Inschrijvingen vanuit burgerlijke stand kunnen enkel via mail.

Voornaamswijziging naar ambtenaren burgerlijke stand vanaf 1 augustus 2018

De wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing hevelt de bevoegdheid van de minister van Justitie om te beslissen over verzoeken tot voornaamsverandering via Ministerieel Besluit over naar de ambtenaren van de burgerlijke stand met inwerkingtreding op 1 augustus 2018 (art.119 t.e.m. 136 van de wet van 18 juni 2018, zie ook de gecoördineerde versie van de Wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en de voornamen).
Op 18 juli 2018 werd in het Staatsblad een omzendbrief gepubliceerd over de te volgen procedure. De omzendbrief bevat tevens een model van het verzoek tot voornaamsverandering en een verklaring op eer voor de aanpassing van de voornaam voor transgenders.
Een verzoek tot voornaamsverandering wordt ingediend bij de ambtenaar van de burgerlijke stand, die drie maanden de tijd krijgt om het te beoordelen en de gerechtelijke antecedenten van de verzoeker na te gaan. Bij twijfel kan een niet-bindend advies aan de procureur des Konings te worden gevraagd. Het verzoek wordt definitief bij overschrijving ervan in de registers van de burgerlijke stand (model van akte en randmelding).
Ook transgenders kunnen een beroep doen op de ambtenaar van de burgerlijke stand voor een voornaamswijziging. Een loutere verklaring op eer dat betrokkene ervan overtuigd is dat het geslacht in de geboorteakte niet overeenstemt met de innerlijk beleefde genderidentiteit volstaat.

Praktisch richtlijnen nieuwe procedure voornaamsverandering

Wie kan gebruik maken van de procedure?
Enkel Belgen, erkende vluchtelingen of staatlozen kunnen een voornaamsverandering vragen, met uitzondering van de vreemdelingen die een verzoek indienen op basis van het gegeven dat zij geen voorna(a)m(en) hebben in het kader van hun nationaliteitsdossier (art. 15 of 21 WBN).
Welke ambtenaar van de burgerlijke stand is bevoegd?
In beginsel van de gemeente waar de persoon op wie de voornaamsverandering betrekking heeft, is ingeschreven in de bevolkingsregisters. Personen die in het buitenland verblijven en niet meer ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters van een Belgische gemeente, moeten zich richten tot de gemeente van laatste inschrijving.Bij gebreke van enige huidige of vroegere inschrijving in de bevolkingsregisters, is Brussel bevoegd.
Wie dient het verzoek tot voornaamsverandering bij de ambtenaar van de burgerlijke stand in?
Een meerderjarige of ontvoogde minderjarige kan het verzoek zelf indienen. Hij kan – wanneer hij niet in persoon kan of wenst te verschijnen – ook een advocaat of een derde inschakelen. Wanneer een derde wordt ingeschakeld dient dit via authentieke en specifieke volmacht te gebeuren.
Voor niet-ontvoogde minderjarigen wordt het verzoek ingediend door zijn wettelijke vertegenwoordiger. Wettelijk (art. 373 1e lid en 374 § 1 1e lid BW) volstaat het verzoek door één ouder (of meeouder). De omzendbrief vraagt voorzichtigheidshalve om de ouder die het verzoek alleen aflegt wel te ondervragen over het akkoord van de andere ouder en bij de minste twijfel dit op te vragen (een geschrift van welke aard ook kan volstaan). Zonder een dergelijk akkoord of het expliciet niet-akkoord van de andere ouder, dient het verzoek onontvankelijk te worden verklaard.
Het verzoek van één ouder volstaat uiteraard wel indien er geen afstammingsband ten opzichte van een andere ouder bestaat, de verzoekende ouder het exclusief ouderlijk gezag toegewezen kreeg, de andere ouder uit de ouderlijke macht werd ontzet, overleden is, afwezig verklaard, onbekwaam of in de onmogelijkheid verkeert zijn wil te kennen te geven.
Hoe wordt het verzoek ingediend bij de ambtenaar van de burgerlijke stand?
Een in te vullen en te ondertekenen model van verzoek en van de bijkomende verklaring op eer (voor transgenders) werden gepubliceerd in de omzendbrief.
Omdat de voornamen voor Belgen in principe enkel worden vastgesteld door de akte van geboorte (decreet 6 fructidor jaar II en vanaf 1 januari 2019 nieuw art. 370/1 BW) dient volgens de omzendbrief de akte van geboorte te worden voorgelegd.
Indien de verzoeker in België werd geboren of de geboorteakte werd in België overgeschreven, vraagt de ambtenaar van de burgerlijke stand dit zelf op. In de andere gevallen dient de verzoeker de geboorteakte zelf voor te leggen, indien nodig gelegaliseerd en beëdigd vertaald. Bij gebrek aan een geboorteakte kan de verzoeker volgens de omzendbrief de familierechtbank om een vonnis vragen dat de geboorteakte vervangt (art. 46 BW).
Hoe wordt het verzoek behandeld door de ambtenaar van de burgerlijke stand?
De ambtenaar van de burgerlijke stand moet een beslissing nemen binnen de drie maanden na de indiening van het verzoek.
Net als bij het opnemen van de voornamen in de akte van geboorte, dient de ambtenaar van de burgerlijke stand er op toe te zien dat de gevraagde voornamen geen aanleiding geven tot verwarring en zij de verzoeker of derden niet kunnen schaden. Voornamen die – op zichzelf beschouwd of samengenomen met de familienaam – belachelijk, hatelijk, absurd of choquerend zijn, moeten worden geweigerd, net als voornamen die slechts uit één enkele letter of een opeenvolging van medeklinkers bestaan (omzendbrieven van 24 maart 1988 en 7 april 1989).
De ambtenaar van de burgerlijke stand dient een uittreksel uit het strafregister (art. 595 Wetboek van Strafvordering) op te vragen. Enkel definitieve veroordelingen voor zware inbreuken (misdaden, wanbedrijven tegen personen) of chronische of specifieke misdrijven (bv. aanmatiging van naam, oplichting, wanbedrijven tegen de openbare trouw) kunnen een belemmering vormen voor een voornaamsverandering.
De ambtenaar van de burgerlijke stand kan bij twijfel over de beoordeling van de wettelijke voorwaarden of de gerechtelijke antecedenten het niet-bindend advies vragen aan de procureur des Konings. Bij ontstentenis van een advies binnen de drie maanden na indienen van het verzoek, wordt dit geacht positief te zijn.
Indien de ambtenaar van de burgerlijke stand de voornaamsverandering toestaat, schrijft hij deze over en zorgt voor de nodige randmeldingen. VLAVABBS stelt een model van akte en randmelding ter beschikking. De voornaamsverandering gaat in vanaf datum van overschrijving. Vanaf 1 januari 2019 wordt deze overschrijving afgeschaft en vervangen door de opmaak van een akte van voornaamverandering in de DABS.
Wanneer de ambtenaar van de burgerlijke stand de voornaamsverandering weigert (bv. op basis van een gebrek aan akkoord van de andere ouder, op basis van gerechtelijke antecedenten of omdat de gekozen voorna(a)m(en) niet aanvaardbaar worden geacht) wordt een weigeringsbeslissing opgesteld en te kennis gebracht van de verzoeker. Deze kan binnen de dertig dagen na kennisgeving van de weigering een beroep instellen bij de familierechtbank.
Welke zijn de specifieke regels voor transgenders?
Transgenders kunnen vanaf de leeftijd van 12 jaar met bijstand van de ouders of wettelijke vertegenwoordiger of voogd ad hoc om de voornaamsverandering verzoeken. Een specifieke verklaring op eer vervangt het verzoek (model bijgevoegd bij de omzendbrief) en geeft recht op de voornaamsverandering. De gekozen voornaam moet wel in overeenstemming zijn met de innerlijk beleefde genderidentiteit, maar een advies vragen aan de procureur of een afweging van de gerechtelijke antecedenten mag niet.
De procedure tot wijziging van de registratie van het geslacht en de voornaamsverandering zijn twee aparte procedures elk resulterend in een eigen akte. Ze kunnen gelijktijdig gevoerd worden met als voordeel dat bv. de identiteitskaart slechts één maal hoeft vervangen te worden. Betrokkenen kunnen er echter ook voor opteren de procedures na elkaar te voeren in willekeurige volgorde.
Kan de gemeente een retributie vragen?
De gemeente kan via gemeenteraadsreglement een retributie opleggen voor de procedure tot voornaamswijziging. Transgenders mag echter slechts 10% gevraagd worden van het vastgelegde retributiebedrag. Aanvragen tot voornaamswijziging voor vreemdelingen die de Belgische nationaliteit aanvragen en niet over een voornaam beschikken, dienen gratis te worden behandeld.

Veelgestelde vragen frauduleuze erkenningen

Frauduleuze erkenningen: rol ambtenaar van de burgerlijke stand - veelgestelde vragen
Herman Palsterman & Maurice Goffart (VLAVABBS)
De vragen en antwoorden.

FAQ Modernisering en informatisering burgerlijke stand

Op het laatste VLAVABBS-congres presenteerde Erwin De Pue de faq-lijst modernisering burgerlijke stand.

Eerste processen burgerzaken

VLAVABBS werkt samen met Sensus aan het in kaart brengen van de processen burgerzaken. De eerste resultaten vindt u hier. Gebruik het wachtwoord VLAVABBS.

Extractie kiezerslijsten: duidelijkheid over datum

Het Agentschap Binnenland Bestuur bevestigt dat in de omzendbrief van minister Homans foutieve informatie is opgenomen over de datum van extractie van de kiezerslijst. De extractie van de kiezerslijst door de FOD Binnenlandse Zaken zal gebeuren tijdens het weekeinde van 18-19 augustus, en niet tijdens het weekend van 25-26 augustus.

Nieuwe onderrichtingen bevolkingsregisters

Een nieuwe versie van de Algemene Onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters, gecoördineerde versie van 1 juni 2018, werd op de website van de FOD Binnenlandse Zaken geplaatst (Bevolking>Reglementering>Onderrichtingen).
Er zijn onder andere wijzigingen in verband met het zorgwonen (interpretatie begrippen), het referentieadres van personen die in een mobiele woning verblijven (verduidelijkingen), de nieuwe wetgeving in verband met de transgenders, de strijd tegen frauduleuze erkenningen (een KB is nog in voorbereiding, maar de algemene principes werden reeds in de onderrichtingen opgenomen), de inschrijving van gedetineerden (verhogen leesbaarheid en toevoegen opsluiting in het buitenland en enkelband) en de aanpassing van een aantal procedures en modellen (model 5, modellen 8 en 8bis, model 9, aanvraag adreswijziging niet-ontvoogde minderjarige) en de afvoering van ambtswege).

Follow-up centraal strafregister

De afschaffing van de gemeentelijke strafregisters sinds 1 januari 2018 liep vrij rimpelloos, niet in het minst dankzij het gedegen voorbereidende werk dat de VVSG en VLAVABBS gedurende jaren in dit project investeerden. De FOD Justitie blijft ondertussen samen de gemeenten het project opvolgen. Bij een eerste follow-up werden ook faq uitgewerkt die interessant is voor iedereen in de gemeenten die met het centraal strafregister werkt.

Opheffing opschorting van de zeven dagen (vernietiging eID of Kids-ID bij verlies of diefstal)

Via belpic werden de gemeenten in kennis gesteld van de ministeriële omzendbrief van 10 april 2018 betreffende de nieuwe procedures met betrekking tot het verlies, de diefstal of de vernietiging van een identiteitsdocument, in het bijzonder de opheffing van de opschorting van de 7 dagen voor de eID's en Kids-ID's vanaf 1 juni 2018. Vanaf die datum zal een eID of Kids-ID, in geval van verlies, diefstal of vernietiging ervan, onmiddellijk geannuleerd worden en zullen de elektronische functies van de identiteitsdocument rechtstreeks ingetrokken worden.
De maatregel kadert in de strijd tegen de identiteitsfraude en vormt een belangrijke administratieve vereenvoudiging voor de gemeenten en politiediensten. De algemene onderrichtingen betreffende de elektronische identiteitskaarten van Belgen (eID) en de elektronische identiteitsdocumenten voor kinderen onder de twaalf jaar (Kids-ID) werden aangepast.
De FOD Binnenlandse Zaken roept de gemeenten op nauwgezet te controleren of de zeven dagen niet vermeld staan in gemeentelijke folders, infogidsen en websites. Deze informatie moet aangepast worden. Ook de folders van DOC STOP waarin de zeven dagen nog vermeld staan, kunnen niet meer verspreid worden.

Frauduleuze erkenningen

Met de publicatie van de Omzendbrief frauduleuze erkenningen in het Staatsblad van 26 maart 2018 beschikken we over alle informatie om de wet frauduleuze erkenningen van 19 september 2017 (Staatsblad, 4 oktober 2017, inwerkingtreding 1 april 2018) toe te passen.
De ambtenaren van de burgerlijke stand dienen voortaan een actieve en preventieve rol te vervullen in het kader van de strijd tegen frauduleuze erkenningen, dit wil zeggen een erkenning die er enkel op gericht is voor zichzelf, het kind of de andere ouder een verblijfsrechtelijk voordeel verbonden met de vaststelling van de afstammingsband te geven.
VLAVABBS stelt een samenvatting van de nieuwe regels ter beschikking aan de hand van de presentatie van de infosessies in Hasselt en Gent. De presentatie werd bijgewerkt aan de principes van de ondertussen verschenen Omzendbrief. Ten slotte presenteert de vereniging een reeks model-documenten (m.i.v. modellen voor de akte van aangifte van erkenning op basis van de Omzendbrief).
De erkenning verloopt wettelijk voortaan in drie fasen:
1. de aangifte van erkenning onder voorlegging van wettelijk bepaalde documenten tegen ontvangstbewijs
2. de opmaak van de akte van aangifte van erkenning
3. het acteren van de erkenning (in de geboorteakte of een prenatale of postnatale erkenningsakte).

Het uitgebreide werkproces met alle wettelijke stappen en tijdsintervallen vindt u hier.
Het kortere werkproces waarbij onder bepaalde strikte voorwaarden de aangifte, de opmaak van de akte van aangifte van erkenning en het acteren van de erkenning (in geboorteakte of erkenningsakte) vindt u hier.

Enkele belangrijke nieuwigheden op een rij:
- de bevoegdheid van de notarissen om een erkenning te acteren wordt afgeschaft
- de ABS is enkel bevoegd als geboorteplaats van het kind of wanneer de erkenner, de andere ouder of het kind ingeschreven zijn in het bevolkings- vreemdelingen- of wachtregister van je gemeente. Opgelet: indien geen van de partijen een inschrijving heeft of de actuele verblijfplaats stemt om gegronde redenen (bv. ziekenhuis, gevangenis, …) niet overeen met de inschrijving, kan de aangifte van erkenning ook bij de ABS van de actuele verblijfplaats gebeuren
- voortaan moeten verplicht een reeks wettelijk bepaalde documenten bij elke erkenning voorgelegd worden: de ABS vraagt de Belgische akten zelf op, partijen die ingeschreven zijn in het bevolkings- of vreemdelingenregister worden vrijgesteld van het voorleggen van nationaliteit, burgerlijke staat en inschrijving (een print uit het Rijksregister wordt bij het dossier gevoegd)
- een procedure voor de weigering van de akte van aangifte van erkenning wordt ingevoerd wanneer de erkenner in gebreke blijft alle documenten voor te leggen of wanneer de ABS de geldigheid of echtheid van deze documenten niet erkent - de opmaak van de akte van aangifte van erkenning in te schrijven in een enkel register (na afsluiten van het jaar neer te leggen op de rechtbank) is bij elke erkenning (in geboorteakte of aparte erkenningsakte) verplicht voorgeschreven, ongeacht de nationaliteit of verblijfsstatus van de partijen
- de akte van aangifte van erkenning wordt enkel ondertekend door de ambtenaar van de burgerlijke stand (of de gemachtigde beambte art. 44/1 BW). Art. 327/1 § 2 BW vermeldt immers dat de ambtenaar van de burgerlijke stand een dwingende termijn van een maand na afgifte van het in art. 327/2 § 1 1e lid bericht van ontvangst heeft om de akte van aangifte van erkenning op te stellen (eventueel verlengd met drie maanden bij twijfel over de geldigheid of echtheid van de voorgelegde documenten). Het is duidelijk dat het opleggen van deze dwingende termijn uitsluit dat iemand anders dan de ambtenaar handtekent. Art. 39 BW is overigens niet van toepassing omdat de akte van aangifte van erkenning geen akte van de burgerlijke stand is. Ze wijzigt immers de staat van de persoon niet. Om dezelfde reden moet de akte van aangifte van erkenning in een enkel register worden ingeschreven, waarbij het niet nodig is een alfabetische tabel te maken. Ook de modellen van de akte van aangifte van erkenning in de omzendbrief gaan enkel uit van een ondertekening door de ambtenaar.
- de Omzendbrief bevestigt dat het ontvangstbewijs tot bewijs van afgifte van de documenten niet moet afgeleverd worden indien de akte van aangifte van erkenning onmiddellijk wordt opgemaakt
- de Omzendbrief maakt het mogelijk dat in de meerderheid van de gevallen, wanneer alle partijen de Belgische nationaliteit hebben of duurzaam in België verblijven en geboren zijn in België of de geboorteakte in België werd overgeschreven, de akte van aangifte van erkenning (enkel register) en de akte van erkenning (geboorteakte of aparte erkenningsakte in dubbel register) gelijktijdig kunnen worden opgemaakt, zodat de erkenning van een kind geen vertraging oploopt of meerdere loketbezoeken noodzakelijk zijn.
Wanneer dus in een erkenningsdossier er absoluut geen sprake kan zijn van een frauduleus karakter maar er ontbreken nog akten van de burgerlijke stand in het dossier die opgemaakt of overgeschreven zijn in België, kan de akte van aangifte van erkenning en de akte van erkenning of de geboorteakte met erkenning toch gelijktijdig worden opgemaakt.
Deze manier van werken kan volgens de Omzendbrief in deze concrete gevallen:
o de noodzakelijke akten zijn ter beschikking in de eigen registers
o hetzelfde ouderpaar erkende reeds eerder een kind bij een ABS (voorwaarden en identiteit ouders werden dus al eens eerder nagekeken)
o de voor te leggen documenten kunnen worden aangeleverd door Belgische overheden ongeacht de nationaliteit van de betrokkenen (bv. vreemdeling geboren in België)
o het kan zelfs gaan om buitenlandse voor te leggen documenten maar enkel indien ze uit een ander gemeentelijk dossier kunnen komen (nationaliteit, huwelijk, wettelijke samenwoning, vreemdelingenzaken, adoptie, …)
- bij ernstig vermoeden van frauduleuze erkenning (de Omzendbrief beklemtoont dat niet elke erkenning met een buitenlands aspect verdacht is en dat een erkenning nooit kan geweigerd worden om het loutere feit dat een van de partijen illegaal in het Rijk verblijft) kan het acteren van de erkenning uitgesteld worden gedurende ten hoogste twee maanden vanaf datum van de opmaak van de akte van aangifte van erkenning en het advies gevraagd worden aan het parket (dit kan de termijn van twee maanden verlengen met een periode van drie maanden)
- bij een weigering van het acteren van een erkenning omwille van een frauduleuze erkenning moet een gemotiveerde weigeringsbelissing worden opgemaakt, de erkenner kan in beroep gaan bij de familierechtbank door een procedure van vaststelling van moederschap, vaderschap of meemoederschap in te stellen.
Onze vereniging is blij dat de Omzendbrief toelaat gelijktijdig de aangifte van erkenning, de opmaak van de akte van aangifte van erkenning en het acteren van de erkenning (in geboorte- of erkenningsakte) mogelijk maakt wanneer de akten beschikbaar zijn in België. De introductie van de Databank Akten Burgerlijke Stand zal in de toekomst stelselmatig dit probleem oplossen. Enkel wanneer de documenten nog echt uit het buitenland moeten voorgelegd worden, zal er sprake zijn van een vertraging en mogelijks meerdere loketbezoeken.

Update centraal strafregister 1-4-2018

Luidens omzendbrief nr. 264 van de FOD Justitie staat de gouverneur van de provincie in voor de kosteloze vertaling van uittreksels van het strafregister in een andere landstaal. Die bepaling steunde op een welbepaalde interpretatie van de taalwetgeving die niet wordt gevolgd door de Vaste Commissie voor Taaltoezicht. Het is dus niet mogelijk een vertaling te bekomen bij de provinciegouverneur, de omzendbrief wordt aangepast. De FOD Justitie verontschuldigt zich voor de ongemakken die ongewild veroorzaakt werden en bekijkt welke oplossing ten gronde kan uitgewerkt worden voor burgers die een uittreksel strafregister wensen in een andere landstaal.

Bevolkingsinfo aan incassobureaus

Moeten wij ingaan op een verzoek van een incasso – bureau tot het meedelen van een adres van een schuldenaar?
Ja, want:
Elke belanghebbende derde kan een aanvraag indienen (bij schriftelijk en ondertekend verzoek) om een uittreksel betreffende een inwoner van de gemeente (één aanvraag per betrokkene), opgemaakt aan de hand van de bevolkingsregisters te verkrijgen, wanneer de afgifte van die documenten door of krachtens wet is voorgeschreven of toegestaan (en de rechtsbasis vermeld wordt) en in zoverre er wordt voldaan aan de bepalingen en voorwaarden van artikel 3 van het K.B. betreffende het verkrijgen van informatie uit de bevolkingsregisters en uit het vreemdelingenregister dd. 16.07.92.
Bij wet betreffende de minnelijke invordering van schulden van de consument dd. 20.12.02 wordt aan de incassobureau’s een wettelijk kader geboden om schulden minnelijk in te vorderen. In artikel 6 wordt bepaald dat elke minnelijke invordering dient opgestart te worden door een schriftelijke ingebrekestelling van de betrokkene, zodat zij logischerwijze dienen te beschikken over het correcte en actuele adres van de schuldenaar.

Moeten wij ingaan op een verzoek van een incasso – bureau tot het meedelen van andere gegevens dan het actuele adres?
Nee, want:
Alle andere informatie (overlijdensdatum, erfgenamen, begrafenisondernemer, notaris, en dergelijke meer) is niet door of krachtens de wet op de minnelijke invordering van schulden voorgeschreven of toegestaan.
Toch nog discussie ?
Overeenkomstig de bepalingen van het voormelde K.B. kan de gemeente of de aanvrager de betwiste aanvraag voorleggen aan de Minister van Binnenlandse Zaken, die zal oordelen of er al dan niet voldaan werd aan de afgiftevoorwaarden.

Best Address

De FOD Binnenlandse Zaken publiceerde in het kader van het Best Adress-project handige richtlijnen en aanbevelingen voor het vaststellen en toekennen van adres en huisnummer. De indienststelling van de nieuwe adresstructuur (IT020) is ondertussen wel uitgesteld tot najaar 2018. De vele lopende projecten, nieuwe noodzakelijke aanpassingen (bv. nieuwe NIS-codes voor een aantal Henegouwse gemeenten) en de werkzaamheden in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2018 verantwoorden dit uitstel.

Presentaties infosessies

Op 13 maart in Hasselt en op 21 maart in Gent organiseert Vlavabbs voor zijn leden informatiesessies rond modernisering burgerlijke stand en lokale verkiezingen.
Erwin De Pue (DAV) gaf een update over het project modernisering en informatisering van de burgerlijke stand. Hij riep de gemeenten op zich voluit voor te bereiden op de implementatie. Geert Demarsin en Tom Doesselaere (ABB) overliepen de belangrijkste vernieuwingen bij de organisatie van de komende lokale verkiezingen. Steve Heylen presenteerde een kort overzicht van de wetgeving frauduleuze erkenningen die in werking treedt op 1 april 2018.
De presentaties van Erwin De Pue en Steve Heylen kan u hier downloaden: modernisering burgerlijke stand & frauduleuze erkenningen. De presentatie over de frauduleuze erkenningen werd aangepast aan de principes van de Omzendbrief die op 26 maart 2018 verscheen. De presentatie over de lokale verkiezingen is gepubliceerd op vlaanderenkiest.be.
Alle vragen in verband met het project modernisering burgerlijke stand kunnen steeds gemaild worden aan de helpdesk van de DABS.

Een paspoort in 4,5 uren

De FOD Buitenlandse Zaken werkte een nieuwe superdringende leveringsprocedure uit voor paspoorten. Die laat uw inwoners toe om op werkdagen tot 15.30 uur bij uw diensten een paspoort aan te vragen en het paspoort 4,5 uur later op te halen aan het loket in de Koloniënstraat 11, 1000 Brussel (vlakbij het Centraal Station). Het is ook mogelijk de paspoortaanvraag rechtstreeks in te dienen bij dat loket.
Een paspoort aangevraagd op zaterdagvoormiddag, in superdringende procedure, bij dat loket (tussen 08.30 en 12.15 uur) of in de gemeente (indien uw diensten dan geopend zijn) zal pas de volgende werkdag vanaf 10.30 uur beschikbaar zijn.
Er zijn dus voortaan 3 leveringsprocedures: de gewone (in 5 werkdagen), de dringende (in 1 werkdag) en de superdringende (in 4,5 uur).
De bedoeling is om minder voorlopige paspoorten uit te reiken. Die worden immers met de hand ingevuld door de FOD Buitenlandse Zaken en zijn dus makkelijker te vervalsen. De uitreiking van een voorlopig paspoort wordt daarom verder beperkt. Om humanitaire redenen kunnen ze voortaan enkel worden afgegeven bij een onvoorzien(e) overlijden of hospitalisatie van een bloedverwant in de 1ste graad in het buitenland in het weekend of op een Belgische nationaliteit feestdag.
Klik hier door naar de instructies van de leveringsprocedures en de instructies van het voorlopig paspoort.

E-legalisatie en E-Apostille

Sinds 1 maart 2018 geeft de FOD Buitenlandse Zaken digitale legalisaties en apostilles af. Tot 1 mei 2018 kan de Apostille op vraag nog op papier worden afgegeven. Legalisaties zullen ook in de toekomst op beide wijzen (papier en elektronisch) kunnen worden afgeleverd.
Elektronische legalisaties en apostilles worden beveiligd ondertekend door middel van een certificaat op naam van de FOD Buitenlandse Zaken. Papieren legalisaties en apostilles worden ondertekend door mevr. Martine Veldeman van de FOD Buitenlandse Zaken.
Vanaf 1 maart 2018 is de site e-legalisatie toegankelijk voor alle partners (gemeenten, notarissen, …) die een toegang aangevraagd hebben, wat nog steeds kan via mail. Meer info via deze website.
Vanaf 1 mei 2018 gebeurt de neerlegging van handtekeningen bij de dienst Legalisatie van de FOD Buitenlandse Zaken niet meer via de traditionele formulieren, maar uitsluitend online via de site e-legalisatie. Daartoe dient een toegang aangevraagd te worden (zie vorige alinea).
Alle vragen kunnen via mail gesteld worden.

Stemmen voor Belgen in het buitenland

De Belgen met woonplaats in het buitenland, die ingeschreven zijn in een consulaire beroepspost nemen voortaan deel aan de verkiezing van de Kamer van Volksvertegenwoordigers en aan de verkiezing van het Europees Parlement. Alle kiesgerechtigde Belgen in het buitenland ontvangen in maart/april een brief van hun bevoegde consulaire beroepspost met de vraag zich te registreren als kiezer.
Daartoe wordt het IT 132 met betrekking tot het stemrecht van de Belgen in het buitenland voortaan uitsluitend bijgewerkt door de consulaire beroepsposten.
De Belgische gemeenten komen niet meer tussen in ganse inschrijvingsprocedure TENZIJ de personen ervoor gekozen hebben per volmacht te stemmen in een bepaalde Belgische gemeente. In die gevallen zal de Belgische gemeente van de consulaire beroepspost het volmachtformulier ontvangen (in origineel of als print van een scan).
Deze volmachtformulieren moeten bewaard blijven in de Belgische gemeente (en dus niet teruggestuurd worden naar de consulaire posten) voor zover de Belg in het buitenland ingeschreven blijft in dezelfde beroepsconsulaire post en/of niet verandert van volmachtdrager of stemwijze. Aan de oproepingsbrief van de volmachtdrager dient de gemeente een uittreksel van de volmacht toe te voegen.
De consulaire posten zijn nu verantwoordelijk voor het opstellen van de consulaire kiezerslijst van Belgische kiezers die in het buitenland wonen (de vaststelling van de consulaire kiezerslijsten vindt tegelijkertijd plaats met vaststelling van de kiezerslijsten in België).
Na het afsluiten van de kiezerslijsten voor de federale en Europese verkiezingen zal aan uw gemeente gevraagd worden aan de FOD Buitenlandse Zaken het stembureau mee te delen waar de Belg in het buitenland, die persoonlijk in uw gemeente komt stemmen, zich moet aanbieden. Dit stembureau wordt immers opgenomen op de oproepingsbrief die de FOD Buitenlandse Zaken (en niet langer de gemeenten) voortaan dient te versturen. Daartoe komen er nog instructies.
Voor meer inlichtingen kan u contact nemen met de FOD Buitenlandse Zaken.

EVS-Congres in Roemenië

Het jaarlijkse congres van de Europese vereniging van ambtenaren van de burgerlijke stand (EVS) vindt dit jaar plaats in hotel Unirea in Lasi, de universiteitsstad en historisch eerste hoofdstad van Roemenië. Het congres wordt georganiseerd door de EVS in samenwerking met de National Association of Romanian Registrars (NARR).
De congresdagen zijn op woensdag 6, donderdag 7 en vrijdag 8 juni 2018. De heenreis kan worden gemaakt op dinsdag 5 juni, de terugreis op zaterdag 9 juni 2018.
Tijdens de drie congresdagen wissel je praktijkvoorbeelden uit met Roemeense ambtenaren van de burgerlijke stand. Je krijgt het laatste nieuws van de Europese Commissie over de implementatie van EU-regelgeving 2016/1191 en er wordt gesproken over de actuele problemen met vluchtelingen en staatlozen in het werkveld.
Een delegatie VLAVABBS is aanwezig bij dit congres. Wil je dit congres ook meemaken? Klik dan hier voor het programma. Het registratieformulier dient overgemaakt te worden aan Steve Heylen (VLAVABBS) die de Belgische inschrijvingen coördineert.

Vormingen i.s.m. Vanden Broele

Opleiding "Leidraad bij de organisatie van verkiezingen" door collega Inge Vercammen: Hasselt 27 maart 2018, Leuven 3 mei 2018 namiddag, Leuven 3 mei 2018 voormiddag, Gent 4 mei 2018 namiddag, Gent 4 mei 2018 voormiddag. De opleiding loodst u erg praktijkgericht doorheen alle stappen in het verkiezingsproces.
Voor deze opleidingen krijgen persoonlijke VLAVABBS-leden 10% korting.

Updates centraal strafregister 1&2/3/2018

Vanaf 1 januari 2018 leverden alle gemeentebesturen uitsluitend uittreksels af uit het Centraal Strafregister (en niet meer uit het gemeentelijk strafregister). Vanaf 1 maart 2018 verdwijnen nu ook de inlichtingenbulletins, aangezien deze informatie voortaan via andere kanalen beschikbaar ter beschikking is van het Openbaar Ministerie. Voortaan moeten de dossiers van het strafregister in geval van verhuizing ook niet meer meegestuurd worden aan de nieuwe gemeente. Meer informatie vindt u hierover in de omzendbrief over de aansluiting van de gemeenten op het Centraal Strafregister (omzendbrief 264) en de richtlijnen in verband met de archivering van de dossiers van het gemeentelijk strafregister.
Vanaf 2 maart 2018 zijn er bovendien enkele andere wijzigingen: - een nieuwe lay-out voor de uittreksels uit het strafregister: zie specimen blanco uittreksel & niet blanco uittreksel. De blanco’s zijn voortaan op 1 pagina. Verder worden naam en adres bestemmeling automatisch vermeld op basis van de gegevens uit het Rijksregister (met plooilijntje voor vensterenveloppen). Op de niet-blanco’s beginnen de gerechtelijke antecedenten op de 1e pagina, ze zijn ook genummerd
- een nieuw type uittreksel voor moraliteitsonderzoeken (politie) en eerherstel. Het type uittreksel “593” (met verwijzing naar artikel 593 Wetboek Strafvordering) is bestemd voor de politiediensten voor een moraliteitsonderzoek (eveneens voor een moraliteitsonderzoek in het kader van wapenvergunningen, de omzendbrief wordt in die zin aangepast) en voor de burgers voor een aanvraag tot herstel in eer en recht. De vraag van de politiediensten moet steeds gebaseerd zijn op een wettekst of een koninklijk besluit
- uittreksels voor eretekens: de aanvragen betreffende de eretekens moeten worden behandeld door de gemeentebesturen met gebruik van uittreksel type “595” (de omzendbrief zal in die zin worden aangepast).

Bevraging modernisering burgerlijke stand

De Dienst Administratieve Vereenvoudiging schreef vorige week elke gemeente in België aan met een korte bevraging over de overstap van de lokale registers van de burgerlijke stand naar het centrale register DABS (Databank voor Akten van de Burgerlijke Stand) op 1 januari 2019. In dit register zullen akten op elektronische en uniforme wijze aangemaakt en beheerd worden.
Elke Belgische gemeente moet de overstap mee maken, vandaar dat de DABS elke gemeenten apart bevraagt. Zo kan de DAV de digitalisering opvolgen en u als gemeente bijstaan waar nodig. Het is dan ook in uw eigen voordeel mee te doen met de bevraging, die elke twee maanden zal herhaald worden om de voortgang te meten. Op basis van de verzamelde data stelt de DAV een online dashboard op met de geaggregeerde resultaten, waarop elke gemeente ook toegang toe zal krijgen. VLAVABBS steunt uiteraard dit initiatief en roept alle Vlaamse gemeenten op snel werk te maken van het beantwoorden van de vragen.

Geen aanpassing meer van het adres op het inschrijvingsbewijs

Voortaan moet de burger na een verhuis niet meer het kentekenbewijs van zijn/haar voertuig meebrengen om het adres aan te passen. Wanneer de verhuis door de gemeente wordt geregistreerd in het Rijksregister, wordt het adres automatisch aangepast in de databank van de Directie Inschrijvingen Voertuigen (DIV) van de FOD Mobiliteit en Vervoer.
Het oude adres blijft gewoon op het kentekenbewijs staan, zonder gevolgen. De controlediensten weten dat ze voor het huidige geldige adres de databank moeten consulteren. Voortaan kan de aangifte van verlies van het kentekenbewijs of van de kentekenplaat niet enkel bij een politiedienst maar ook bij de autoriteit bevoegd voor de uitreiking van de kentekenbewijzen. Meer informatie op de website van de DIV.

Archiveringsrichtlijnen Strafregister

Zoals reeds in deze nieuwsbrief te lezen was verscheen op 28 december 2017 in het Belgisch Staatsblad een omzendbrief van de FOD Justitie over de aansluiting van de gemeenten op het Centraal Strafregister (omzendbrief 264). Sinds 1 januari 2018 leveren de gemeenten uittreksels uit het strafregister aan de burger enkel nog op basis van het Centraal Strafregister via de applicatie CJCS-CG, en niet meer op basis van het gemeentelijk strafregister.
VLAVABBS en de VVSG evalueerden ondertussen op uitnodiging van de FOD Justitie de eerste maand werken zonder de gemeentelijke strafregisters. Op enkele kinderziektes na verliep de overgang vlot. Ook aanvragen voor een uittreksel dat niet onmiddellijk beschikbaar is, worden erg snel opgevolgd. Vele vragen bij de gemeentelijke helpdesk konden onmiddellijk beantwoord worden via de omzendbrief.
De volgende stap in het dossier is het verdwijnen van de inlichtingenbulletins vanaf 1 maart 2018. Vanaf die datum dienen de dossiers van het strafregister in geval van verhuizing ook niet meer overgemaakt te worden aan de nieuwe gemeente.
Op de website van het Rijksarchief verschenen ondertussen ook de richtlijnen in verband met de archivering van de dossiers van het gemeentelijk strafregister.

Nieuw pilootproject levert reispassen af waar en wanneer u wilt

De gemeente Wielsbeke en de steden Lier en Leuven leveren vanaf 29 januari 2018 reispassen af op een tijdstip en plaats naar keuze. Voor de bijkomende service werd een betrouwbare externe partner aangetrokken. Deze innovatieve dienstverlening werd mogelijk onder impuls van VLAVABBS.
Voor een stad of gemeente is het investeren in een kwalitatieve dienstverlening op maat van de burger een must. De steeds wisselende noden zorgen ervoor dat ook loketdiensten bijkomende services moeten aanbieden. VLAVABBS faciliteert een nieuw pilootproject waarbij besturen gebruik kunnen maken van een externe partner voor het afleveren van de reispassen op een door de burger gekozen tijdstip en locatie. De gemeente Wielsbeke en de steden Lier en Leuven stappen mee in dit verhaal. De FOD Buitenlandse Zaken geeft hiervoor zijn steun.
Momenteel heeft de burger twee contactmomenten bij de loketdiensten. Een bij de aanvraag van de reispas, een tweede bij de afhaling. Als de burger dit wenst kan hij vanaf 29 januari 2018 gebruik maken van de veilige en betrouwbare aflevering door een externe partner Dynasure, dochteronderneming van Bpost.
De reispassen kunnen in heel België bezorgd worden van maandag tot zaterdagmiddag op een met de burger afgesproken tijdstip, een echte dienstverlening op maat dus. Hierdoor is men niet langer gebonden aan de openingstijden van de loketdiensten. Om de burger zo goed mogelijk op de hoogte te houden is er een constante communicatie mogelijk per sms, mail en via een visueel track en trace-systeem. De burger betaalt € 12,50 voor deze aflevering. De aflevering van een bijkomend document op dezelfde locatie bedraagt € 3,5.
Meer informatie: Kris Torfs (VLAVABBS) en Christoph Roubben (Dynasure).

Consulaat Hongarije levert akten en attesten af

Het consulaat van Hongarije in België liet aan onze FOD Buitenlandse Zaken weten dat het consulaat sinds 1 januari 2018 bevoegd is om afschriften en uittreksels van Hongaarse akten van de burgerlijke stand af te leveren.
Vanaf die datum kunnen Hongaarse consuls immers net als de overheden in Hongarije zelf, via een rechtstreekse link met het centrale register uittreksels afgeven van een aantal akten (geboorte, huwelijk, geregistreerde samenleving, overlijden).
De documenten worden afgedrukt op veiligheidspapier en zijn identiek aan diegene die in Hongarije afgeleverd worden.
Daarnaast mogen de consuls ook allerhande attesten afgeven betreffende data die in het centrale register aanwezig zijn. Deze attesten zijn niet op beveiligd papier gedrukt.

Nieuwe Transgenderwet

Op 1 januari 2018 treedt de nieuwe Transgenderwet in werking. U kan dus al op 2 of 3 januari 2018 burgers verwachten aan uw loket die van de nieuwe procedure tot wijziging van de geslachtsregistratie wensen gebruik te maken. De omzendbrief met praktische richtlijnen en modellen verscheen op 29 december 2017 in het Staatsblad.
De aangifte gebeurt door het overhandigen van een verklaring aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. Deze levert een informatieblad met ontvangstbevestiging af en stuurt het dossier door naar de procureur. De wilsautonomie van de betrokkene primeert, medische attesten of een sterilisatie zijn niet meer nodig. Indien de procureur geen negatief advies uitbrengt kan de betrokkene tussen de drie en zes maanden na de eerste aangifte opnieuw verschijnen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand en een bevestigende verklaring afleggen. Op dat moment wordt de akte van aanpassing van de registratie van het geslacht opgemaakt.
Meer informatie: website FOD Justitie, wet, omzendbrief en de officiële infobrochure.
Modellen: eerste verklaring, desgevallend verklaring kinder- en jeugdpsychiater, informatieblad met ontvangstbewijs, tweede verklaring, verklaring voornaamswijziging (bij FOD Justitie).
Extra VLAVABBS-modellen: kennisgeving aan procureur, documentaire akte van aanpassing van de registratie van het geslacht en kantmelding.
VLAVABBS maakte een handig proces-schema dat stapsgewijs de nieuwe procedure verduidelijkt.

Centraal Strafregister vervangt gemeentelijke strafregisters

Op 28/12/2017 verscheen de omzendbrief nr. 264 betreffende de Aansluiting van gemeenten op het Centraal Strafregister in het Staatsblad. 1/1/2018 vormt zoals wettelijk voorzien (art. 10 Wet 31/7/2009 diverse bepalingen centraal strafregister) het langverwachte en definitieve einde van de gemeentelijke lokale strafregisters. Gemeenten zullen enkel nog uittreksels uit het strafregister afleveren uit het Centraal Strafregister. Daarmee komt een einde aan de transitieperiode waarbij het gemeentelijk strafregister werd afgebouwd en het Centraal Strafregister werd opgebouwd.

Waarmee moet u bijkomend rekening houden vanaf 1/1/2018?
1. Gemeenten leveren uittreksels af op basis van het Centraal Strafregister en niet meer op basis van het gemeentelijk strafregister. Veroordelingsbulletins worden vanaf 1/1/2018 dus niet meer door gemeenten geregistreerd.
2. Goed nieuws wat betreft het (dubieuze) gebruik van de inlichtingenbulletins. De inlichtingenbulletins verdwijnen vanaf 1/3/2018 op basis van een recent akkoord met het College van het Openbaar Ministerie. Vanaf dan zal het Openbaar Ministerie de informatie (veroordelingsbulletins + minnelijke schikkingen) verkrijgen uit andere bronnen. Tot die datum kunnen de parketten nog een inlichtingenbulletin opvragen en worden minnelijke schikkingen nog geregistreerd. Dit heeft ook tot gevolg dat vanaf 1/3/2018 gemeenten dossiers niet meer moeten overzenden aan een andere gemeente bij verhuis van een inwoner.
3. Er komen binnenkort richtlijnen over de archivering van de (voormalige) dossiers in het gemeentelijk strafregister. Die worden verspreid door het Rijksarchief.
4. De ondertekening, datering en het afstempelen op het ogenblik van afgifte kan gebeuren op basis van delegatie door de ambtenaar van de burgerlijke stand (op basis van art. 126 NGW). De minister zal in een besluit vastleggen op welke wijze het elektronisch afleveren van uittreksels mogelijk wordt. Dat besluit is er nog niet, hoewel we het verwachten.
5. In tegenstelling tot wat eerder gesteld werd, zal de gemeente alsnog de lokale politie moeten raadplegen voor aflevering van een model 596.2 (minderjarigenmodel). De contactverboden zitten wel in het Centraal Strafregister, maar niet de berichten van voorlopige hechtenis. Daarover beschikken enkel de politiediensten vandaag.
6. Er wordt een helpdesk voor burgers voorzien voor inhoudelijke vragen. Gemeenten kunnen de burger doorverwijzen naar deze helpdesk. De FOD Justitie is immers verantwoordelijk voor de inhoud van het uittreksel. Voor de technische en inhoudelijke vragen van de gemeentebesturen is er eveneens een helpdesk.
7. Nieuw is dat elke aanvraag inzake eretekens voortaan behandeld zal worden door het Centraal Strafregister en niet (meer) door de gemeente.

Meer informatie: website FOD Justitie en de VVSG-infofiche.
Veel dank aan de VVSG waarmee onze vereniging de laatste jaren intensief optrok in dit dossier. VLAVABBS is ook de minister van Justitie, die de gemeentebesturen bedankt voor de vruchtbare samenwerking, erkentelijk voor de geboden kansen tot overleg.

Rechtskeuze bij vaststelling van de naam en erkenning buitenlandse akten of beslissingen betreffende de naam

De vijfde Pot Pourri Wet wijzigde ingrijpend de artikelen 37 (vaststelling van de naam) en 39 (erkenning van buitenlandse akten en beslissingen betreffende de naam) van het Wetboek Internationaal Privaatrecht. De nieuwe regels gaan in vanaf 1 januari 2018.
Ouders kunnen voortaan bij de geboorte van een kind in België dat over meer dan één nationaliteit beschikt, kiezen welk toepasselijk recht ze wensen toegepast te zien voor het bepalen van de naam van het kind. Dit geldt ook als één van de nationaliteiten van het kind de Belgische is.
Ook voor de erkenning van vreemde akten of beslissingen van vaststelling of verandering van naam komt er een grotere openheid. Indien het toegepast recht dit van één van de nationaliteiten van de persoon was of het recht van de gewone verblijfplaats (van de staat van de akte of beslissing en op het tijdstip van de akte of beslissing), kan de akte of beslissing erkend worden.
Wanneer de burger in het buitenland geen keuzemogelijkheid had, kan hij bij inschrijving of overschrijving van de beslissing een rechtskeuze maken. Belgische ouders, die niet de mogelijkheid hadden Belgisch recht te kiezen voor de naam van hun kind, kunnen bovendien een verklaring van naam afleggen bij de burgerlijke stand (art. 335quater BW) om alsnog een naam naar Belgisch recht te verkrijgen.
Deze nieuwe regels zijn complex en omzichtigheid is geboden bij de toepassing ervan. Zo is bij de verandering van de naam (art. 38 WIPR) in tegenstelling tot de vaststelling van de naam (art. 37 WIPR) geen rechtskeuze mogelijk. Dit betekent concreet dat bij een aangifte van geboorte wel een rechtskeuze kan, bij een erkenning na de geboorte niet.
Vorige week woensdag 13 december 2017 verscheen de Omzendbrief bij deze nieuwe wetgeving in het Staatsblad. Deze bevat tal van voorbeelden en twee bijlagen met stroomschema’s (1, 2). VLAVABBS stelt voor de collega’s ook een overzichtsdocument ter beschikking.

Andere wijzigingen op 1 januari 2018

De paspoortdiensten van de provinciale administraties sluiten hun deuren. De bevoegdheden voor de afgifte van paspoorten (aan Belgen op doorreis) en reistitels (voor vluchtelingen, staatlozen en vreemdelingen) worden overgeheveld naar de gemeentebesturen. De instructies en procedures vindt u via deze link.
Om privacy-redenen dient vermeden te worden dat via fonetische ondervragingen in het Rijksregister dossiers (vaak onbedoeld) ongeoorloofd geconsulteerd worden De definitieve datum voor de stopzetting van de fonetische ondervragingen in het Rijksregister is 31 december 2017.

Naar nieuwe internationale uittreksels

Op 24 november 2017 werd in het Staatsblad de Wet van 30 maart 2017 houdende instemming met de Overeenkomst inzake de afgifte van meertalige en gecodeerde uittreksels uit en attesten van de burgerlijke stand, en bijlagen, gedaan te Straatsburg op 14 maart 2014 gepubliceerd.
De nieuwe Overeenkomst (nr. 34) van de Internationale Commissie van de Burgerlijke Stand (ICBS, beter bekend onder de Franse afkorting CIEC) voert nieuwe modellen voor internationale meertalige uittreksels in. De nieuwe modellen vervangen deze van de Overeenkomst (nr. 16) te Wenen van 8 september 1976, maar enkel voor wederzijds gebruik in de landen die de nieuwe Overeenkomst ratificeerden.
De modellen zoals ze in België moeten opgesteld worden – afhankelijk van het taalstatuut van de gemeente – werden ook gepubliceerd. Daarnaast is de integrale tekst van de Overeenkomst opgenomen. In de bijlagen ook het toelichtend verslag en de regels voor de modellen.
Opgelet: de Overeenkomst treedt in werking na ratificatie door twee ICBS-landen. Dit is voorlopig nog niet het geval. België en Duitsland ratificeerden de Overeenkomst wel al, maar daar Duitsland geen lidstaat meer is van de ICBS volgt er voorlopig nog geen inwerkingtreding. Toetredingen door andere landen zullen steeds worden gepubliceerd in het Staatsblad en ook via deze website en de VLAVABBS-nieuwsbrief verspreid.
Er werd op 5 december 2017 in het Staatsblad nog een omzendbrief gepubliceerd voor de ambtenaren van de burgerlijke stand om een en ander te verduidelijken.

Osiris voor gemeenten

Vanaf 1 oktober kunnen alle Vlaamse lokale besturen aan de slag met het webplatform Osiris voor de digitale aangifte overlijden. Dit platform stelt gemeenten, uitvaartondernemers en crematoria in staat om gegevens en documenten elektronisch met elkaar uit te wisselen. Tal van besturen tekenden hier al voor in. Aansluiten op het webplatform Osiris heeft vanaf de eerste fase alleen maar voordelen: Terwijl het lokaal bestuur alle informatie digitaal beschikbaar stelt aan de crematoria en de uitvaartondernemers, hoeft deze laatste groep niet meer langs te komen op het gemeentehuis.
In de eerste fase kan men vanuit de besturen de aanvragen van de uitvaartondernemers op een heel eenvoudige manier verwerken. Bovendien kan men de vereiste documenten opladen. Het model IIIc wordt in deze fase nog digitaal opgeladen.
In fase 2 zal het mogelijk zijn om een koppeling te maken met de bestaande software voor burgerzaken, waardoor de digitale verwerking nog wordt versneld en de statistieken aan het Agentschap Zorg automatisch worden aangevuld.
In fase 3 doet de arts aangifte en zal het aangehaalde model IIIc op termijn verdwijnen. Meer info via deze link.

Stopzetting van de afgifte van paspoorten en reisdocumenten door de provinciale administraties

Vanaf 1 januari 2018 sluiten de paspoortdiensten van de provinciale administraties hun deuren (MB van 15 september 2017, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 25 september 2017). Hun bevoegdheden voor de afgifte van paspoorten (aan Belgen op doorreis) en reistitels (voor vluchtelingen, staatlozen en vreemdelingen) worden overgeheveld naar de gemeentebesturen. De FOD Buitenlandse Zaken en de FOD Binnenlandse Zaken benadrukken dat de praktische instructies de gemeentebesturen zullen geruststellen en rekenen erop dat de impact op onze diensten burgerzaken minimaal zal zijn.
VLAVABBS werd vooraf geïnformeerd over de deze wijziging en heeft de betrokken federale overheidsdiensten gewaarschuwd voor de impact op de gemeentebesturen. Mede dankzij de dialoog met onder meer onze vereniging kwamen gedetailleerde instructies tot stand. U kan de brief van de ministers, de instructies én de handige overzichtstabel met een samenvatting van de procedures nalezen via deze link.

Attesten “Mijn Dossier”

De federale overheid start een informatiecampagne om de toepassingen op “Mijn Dossier” beter bekend te maken bij burgers en instanties. Het gaat dan vooral om de online verkrijgbare digitale attesten en de mogelijkheid voor de burgers om op vrijwillige basis contactgegevens op te nemen in het Rijksregister.
Burgers kunnen 24 op 24 en 7 op 7 terecht in de toepassing “Mijn Dossier” voor 10 attesten op basis van het Rijksregister. De attesten met digitale stempel mogen niet geweigerd worden door de instanties, indien digitaal aangeleverd. De contactgegevens bestaan uit telefoon-, gsm- of faxnummer, alsook emailadres.
Promotiemateriaal voor de gemeenten is te vinden op de speciale webpagina van de FOD Binnenlandse Zaken.

Vervangende geboorteakte ambassade van Afghanistan

De consulaire sectie van de ambassade van Afghanistan in Brussel laat weten dat de vervangende geboorteakten die zij afleveren niet meer uit twee pagina’s (certificaat van geboorte + pagina waarin de onmogelijkheid om de geboorteakte in Afghanistan zelf te bekomen wordt geattesteerd) bestaan, maar uit één enkele pagina (certificaat van geboorte).
Op grond van artikel 5 van het Wetboek van de Belgische nationaliteit kan een dergelijk vervangend document aanvaard worden. Vermits Afghanistan opgenomen is op de lijst van landen waar het verkrijgen van akten van geboorte onmogelijk is of op zware moeilijkheden botst (KB van 17 januari 2013), hoeft de onmogelijkheid niet apart bewezen te worden.

Uitreiking voorlopige rijbewijzen

U weet het al : de wetgeving in verband met de uitreiking van de voorlopige rijbewijzen staat ter discussie. In het bijzonder stelt zich de vraag welke regelgeving u dient toe te passen: de nieuwe Vlaamse regelgeving of de bestaande federale regelgeving (rekening houdende met het hangende schorsings-/vernietigingsverzoek voor de Raad van State).
Het Besluit van de Vlaamse regering van 09.06.17 (voorwaarden rijopleiding) enerzijds en de K.B.’s van 11.05.04 (erkenning rijscholen) & van 10.07.06 (hervorming rijopleiding) anderzijds, zijn volstrekt gelijkwaardige rechtsnormen zodat er tussen beide geen enkele hiërarchie bestaat. De ene regel heeft geen voorrang op de andere. Enkel een beslissing ten gronde van de Raad van State zal definitief uitsluitsel kunnen bieden.
Gezien zulke beslissing nog geruime tijd op zich zal laten wachten, zal er nog een hele tijd rechtsonzekerheid blijven bestaan. Beide overheden blijven immers hun standpunt volmondig verdedigen.
De federale overheid heeft inmiddels mondeling gemeld dat zij de gemeenten niet zullen verbieden om de Vlaamse regelgeving te volgen. Ze zal ook geen verdere actie ondernemen, doch zonder afbreuk te doen aan haar standpunt. De gemeenten zouden dus kunnen opteren om de Vlaamse regels toe te passen. Een andere mogelijkheid is om de federale regelgeving toe te passen, onder de overweging dat de rechtsonzekerheid op dit moment dusdanig groot is dat men verkiest het bestaande systeem te blijven hanteren.
Beide pistes houden echter het risico in dat de Raad van State anders beslist. Sowieso zullen zich dan enkele pertinente vragen stellen:
- wat met de rechtsgeldigheid van de (‘verkeerd’) uitgereikte rijbewijzen?
- wat met de kosten die de burger in dat geval heeft gemaakt?
- moeten vanaf heden alle mensen die een voorlopig rijbewijs uitgereikt krijgen, geregistreerd worden zodat zij bij wijziging kunnen teruggeroepen worden?
- ….
Een gefundeerde, duidelijke en overtuigende keuze voor de Vlaamse, dan wel de federale regelgeving is zodoende geen optie.
Desondanks roepen wij iedereen op om de Vlaamse regelgeving toe te passen en dit uit louter pragmatische overwegingen. Een argument dat pleit voor de Vlaamse regelgeving is het feit dat de auditeur van de Raad van State negatief heeft geadviseerd aangaande het schorsingsverzoek, zodat het niet ondenkbeeldig is dat de Raad van State dit zal bevestigen (ook al zegt dat niets over de zaak ten gronde). Een ander element dat in overweging kan genomen worden is dat het risico en de gevolgen bij vernietiging van de Vlaamse regelgeving minder groot zijn, gezien de strikter opgelegde voorwaarden.
De belangrijkste reden voor het naar voor schuiven van één regelgeving (de Vlaamse) bestaat uit het feit dat VLAVABBS en de gemeenten die alle dezelfde regelgeving hebben toegepast, wanneer dit nodig zou blijken, samen kunnen pleiten voor een oplossing voor de burger die het slachtoffer is geweest van deze polemiek.
VLAVABBS betreurt in grote mate dat de discussie tussen overheden gevoerd wordt ten koste van de rechtszekerheid en de dienstverlening. De burgers én de medewerkers burgerzaken verdienen beter!

Geen zgn. gewoonterechtattesten meer voor Nederlandse staatsburgers

De ambassade van Nederland in België vraagt ons volgende informatie mee te verspreiden. Nederlandse staatsburgers worden regelmatig door Belgische instanties - met name op gemeentelijk vlak - gevraagd een zgn. gewoonterechtattest over te leggen die wordt verstrekt door de ambassade te Brussel. Bovendien moeten voor sommige Belgische ambtshandelingen de vereiste gewoonterechtattesten ook inlichtingen omtrent bepaalde Nederlandse familierechtelijke regelingen bevatten. Volgens het Nederlandse recht is de afgifte van een dergelijk attest niet voorzien.
In afwijking van de tot heden gebruikelijke procedure zullen om de deze aangegeven reden per 1 oktober 2017 geen gewoonterechtsattesten meer worden verstrekt. De gevraagde samenvatting van relevante rechtelijke regelingen in een gewoonterechtattest is juridisch bedenkelijk aangezien zij slechts een fragment van potentieel relevante Nederlandse rechtsvoorschriften kan weergeven. Een dergelijke verkorte versie van de belangrijkste regels geeft slechts een eerste algemene indruk van dit rechtsdomein weer en is voor de juridische waardering van specifieke en afzonderlijke gevallen slechts zeer beperkt bruikbaar.

Mailadres en telefoonnummer in het Rijksregister

Het Rijksregister biedt de mogelijkheid om de contactgegevens van de burger of sommige ervan op vrijwillige basis mee te delen. Het gaat om telefoonnummer, GSM-nummer, faxnummer en mailadres. De gemeente kan op zijn beurt de contactgegevens gebruiken om sneller met de burger te communiceren.
De burger kan zowel bij de gemeente als eenvoudig via de toepassing Mijn dossier de contactgegevens doorgeven. Het meedelen van de gegevens, die toegankelijk zijn voor een hele reeks instanties die daarvoor een machtiging kunnen aanvragen, gebeurt op vrijwillige basis. Bovendien kan de burger op elk moment de informatie wijzigen of schrappen.
Wie meer wil weten kan het KB van 22 mei 2017 ter zake, gepubliceerd in het Staatsblad op 1 augustus 2017 raadplegen.

Strafregister

Ter voorbereiding van de opstart van het Centraal Strafregister (1/1/2018) verscheen in het Staatsblad van 17 augustus 2017 een omzendbrief over de gegevens die de hoven en rechtbanken aan het Centraal Strafregister moeten bezorgen. In de marge worden de hoven en rechtbanken ook herinnerd aan de verplichting om ontzettingen uit het kiesrecht systematisch aan de gemeenten te melden.
Meer info vindt u in de presentatie van de FOD Justitie voor de provinciale infosessies over de aansluiting van de gemeenten op het centraal strafregister en op de website van de VVSG.

Legalisaties

De FOD Buitenlandse Zaken laat weten dat documenten uit Jemen voorlopig niet meer kunnen gelegaliseerd worden. Er wordt ook geen attest afgeleverd dat er geen legalisatie mogelijk is.
In een Omzendmail van 22 mei 2017 bericht de FOD Buitenlandse Zaken dat digitale documenten (bijvoorbeeld uittreksels uit akten van de burgerlijke of bevolkingsattesten digitaal afgeleverd en elektronisch ondertekend door gemeenten) voortaan kunnen worden gelegaliseerd (legalisatie of Apostille), maar dit enkel indien ze de dienst Legalisatie worden toegezonden per post of koerier. Aan de loketten van de dienst Legalisatie worden enkel traditionele documenten met natte handtekening gelegaliseerd (op afspraak).
De FOD Buitenlandse Zaken werkt wel aan een globale oplossing zodat in de toekomst digitale documenten elektronisch kunnen worden gelegaliseerd.

EVS Congres 2017

U vindt de presentaties op de website van onze Italiaanse collega’s (Scarica le presentazioni). De congresvideo met interviews met de sprekers en impressies van het congres vindt u op de EVS-website.

KB toegang gegevens adoptie

Elke geadopteerde in België krijgt met het KB van 23 april 2017 betreffende de verzameling en de bewaring van en de toegang tot de gegevens in verband met de herkomst van de geadopteerde recht op inzage in de identiteitsgegevens van zijn of haar ouders, hun gezondheidstoestand en hun medisch verleden (Belgisch Staatsblad 18 mei 2017).
Het KB komt er in uitvoering van artikel 368-6 BW. De bevoegde autoriteiten (centrale autoriteiten adoptie bij de FOD Justitie en bij de Gemeenschappen) zijn verplicht om de gegevens te bewaren en geadopteerden later de mogelijkheid te bieden om – als ze dat wensen – hun herkomst te achterhalen. De gegevens zullen voor minimum honderd jaar bewaard worden en enkel de geadopteerde of diens afstammelingen bij het overlijden hebben er toegang toe.

Nieuwe gecoördineerde onderrichtingen bevolkingsmaterie

De FOD Binnenlandse Zaken publiceerde op 8 mei 2017 twee belangrijke omzendbrieven.
De eerste omzendbrief van de minister van Binnenlandse Zaken verduidelijkt de diverse wijzigingen aan de bevolkingsreglementering (vooral het ‘groot’ KB van 9 maart 2017, Belgisch Staatsblad 28 april 2017). Aan bod komen onder meer: de aangifte van de verandering van verblijfplaats, het verplicht onderzoek naar de verblijfplaats (ook bij een aangifte van vertrek naar het buitenland), de tijdelijke afwezigheid, het referentieadres, de inschrijving en afvoering van ambtswege, de bevolkingsattesten via “Mijn dossier”, de inschrijving van niet-ontvoogde minderjarigen van wie de ouders apart of gescheiden leven, de wijzigingen aan de identiteitskaarten (veralgemening ICAO-normen en het elektronische basisdocument), de opname van de handtekening, de annulering van de kaart bij overlijden, de strijd tegen identiteitsfraude, de afschaffing van de 7 dagen van opschorting van de elektronische functies bij diefstal of verlies en de opname van de gedeelde huisvesting en voorlopige inschrijving als wettelijke informatietypes.
De Omzendbrief heeft drie bijlagen:
- bijlage 1: Toelichtingen bij de aanpassingen aangebracht door het KB van 9 maart 2017
- bijlage 2: Memento voor de gemeenten betreffende de aanpassingen aangebracht door het KB van 9 maart 2017
- bijlage 3: Formulier voor Aangifte van een Tijdelijke Afwezigheid.

De tweede omzendbrief handelt over de nieuwe coördinatie van:
- de algemene onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters
- het elektronisch identiteitsdocument voor kinderen onder de 12 jaar (Kids-ID)
- en de elektronische identiteitskaart van Belg (eID).

De diverse wijzigingen aan de reglementering op vlak van bevolking en identiteitskaarten – denk ook aan de veralgemening van het elektronische basisdocument voor de eID en Kids-ID, zie omzendbrief van 24 mei 2017 en praktische toelichting – noodzaakten zoveel aanpassingen aan de algemene onderrichtingen dat nieuwe gecoördineerde versies tot stand werden gebracht. Vooral voor de gemeenten blijven de onderrichtingen een makkelijk te hanteren instrument, steeds up-to-date en een praktische leidraad voor het geheel van de bevolkingsreglementering. Ook de diverse FAQ op de website van Binnenlandse Zaken werden aan de nieuwe onderrichtingen aangepast: bevolking, eID & kids-ID.

Een globaal overzicht van alle recente wijzigingen en de toekomstplannen van het Rijksregister vindt u op de presentatie van Etienne Van Verdegem, die hij toelichtte op het laatste VLAVABBS-congres. Hij kondigde op het congres bovendien grote infosessies aan georganiseerd door de FOD Binnenlandse Zaken om een en ander dit najaar voor de gemeenten nader toe te lichten.

Ten slotte maken we de collega’s attent op een kleine wijziging in de opvraging 27 (productiefasen identiteitskaart).

Besluiten Binnenlandse Zaken

Op vrijdag 28 april 2017 verschenen in het Staatsblad drie besluiten in verband met de bevolkingsreglementering:
- één “Groot KB” van 9 maart 2017 tot wijziging van enkele basisbesluiten Bevolking en Rijksregister waarin onder meer aan bod komen: een aanpassing van de termijnen van onderzoek naar de hoofdverblijfplaats (8 dagen worden 15 dagen, 20 dagen worden 30 dagen), de definitie van werkdag, de inschrijving van minderjarigen in het bijzonder van gescheiden ouders, de afschaffing van de formele procedure tot vrijstelling van het materieel houden van papieren bevolkingsfiches, de definitie en reglementering tijdelijke afwezigheid en referentieadres, de opheffing van de schorsing van 7 dagen van eID bij verlies en diefstal, het opleggen van de ICAO-normen voor pasfoto’s, de handtekening van de bevolkingsattesten in “MijnDossier” door een elektronische zegel van het Rijksregister, het gedeeld verblijf en voorlopige inschrijving worden een wettelijk informatiegegeven enz.
- één MB van 21 april 2017 tot vaststelling van de modellen van de 10 bevolkingsattesten die via “mijndossier” kunnen geraadpleegd en gedownload worden: er wordt bij alle instanties die bepaalde attesten opvragen aangedrongen de attesten verkregen via “MijnDossier” als volwaardig te beschouwen en niet te weigeren – de burger wordt aangespoord de attesten digitaal door te sturen (zo worden vervalsingen op papier vermeden en kan de instantie het elektronische zegel van het Rijksregister controleren)
- één MB van 28 april 2017 tot vaststelling van het formulier voor de aanvraag van de tijdelijke afwezigheid.

Website Tijdschrift IPR

De website van het Tijdschrift IPR werd vernieuwd. Op de nieuwe website vindt men naast alle nummers van het tijdschrift, ook een databank met IPR-rechtspraak aan gepubliceerd in de tijdschriften 2002-2016. Tal van rechtspraak en artikelen in het Tijdschrift IPR behandelen de erkenning van vreemde akten en rechterlijke beslissingen, de problematiek van schijnhuwelijken en schijn-wettelijke samenwoningen én de verwerving van de Belgische nationaliteit.

Berichten Binnenlandse Zaken

De FOD Binnenlandse Zaken vraagt de gemeenten om de procedure voor het aanvragen van voorlopige identiteitskaarten. strikt te volgen. De burger moet aan alle criteria voldoen (onmogelijkheid tot verkrijgen van een elektronisch identiteitsdocument via de verruimde spoedprocedures, onmogelijkheid verkrijgen paspoort via spoed, de geldigheidsdatum van de gestolen of verloren kaart mag niet verlopen zijn) en moet zich aanmelden met de juiste documenten. Bovendien moet er door de gemeente een afspraak vastgelegd worden bij de dienst van de voorlopige documenten in Brussel (tel.: 02 518 21 39). Indien aan deze voorwaarden niet wordt voldaan, kan de FOD helaas geen voorlopig identiteitsdocument aan de burger afleveren.
De verzending van de modellen 7bis en 7ter voor het versneld inbrengen van afgesloten huwelijken en overlijdens via de elektronische post van het Rijksregister wordt afgeschaft. De modellen zijn immers overbodig geworden doordat de ambtenaar van de burgerlijke stand het huwelijk en het overlijden, ook van niet-inwoners, zelf rechtstreeks in het Rijksregister inbrengt (Wet van 15 december 2013).

Prenatale erkenning en adoptie

Op 22 maart 2017 verscheen in het Staatsblad de Wet van 20 februari 2017 tot wijziging van het burgerlijk wetboek wat de prenatale erkenning van een kind door een niet-gehuwde ouder betreft. Art. 328 § 3 2e lid BW bepaalt voortaan expliciet dat de prenatale erkenning kan gebeuren op elk ogenblik van de zwangerschap op voorlegging van een zwangerschapsattest opgesteld door een geneesheer of vroedvrouw. Sommige gemeenten eisten dat de moeder zes maanden zwanger was. Dat kan niet meer.
Op 22 maart 2017 verscheen in het Staatsblad eveneens de Wet van 20 februari 2017 tot wijziging van het burgerlijk wetboek betreffende de adoptie. Deze wet regelt onder meer de adoptie van een kind door de voormalige partner van de ouder van het kind.

Machtiging voor toelating crematie

Op 6 maart 2017 verscheen in het Staatsblad het decreet van 10 februari 2017 houdende wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, wat de toestemming tot crematie betreft. Voortaan kan de ambtenaar van de burgerlijke stand een beambte van het gemeentebestuur machtigen om de toelating tot crematie of de aanstelling van een beëdigd geneesheer te ondertekenen. De (schriftelijke) machtiging kan verleend worden vanaf inwerkingtreding van het nieuwe decreet op 1 april 2017.

Communicatie Centraal Strafregister

Op 2 februari 2017 verscheen het KB van 21 november 2016 betreffende de modaliteiten van aflevering van de uittreksels uit het strafregister aan particulieren in het Staatsblad. Het legt een aantal modaliteiten vast voor het afleveren van uittreksels uit het centraal strafregister door gemeentebesturen. In de loop van dit jaar worden alle gemeenten aangesloten op het centraal strafregister. De FOD Justitie maakte ook een speciale webpagina waar alle informatie voor de lokale besturen wordt gecentraliseerd en regelmatig bijgewerkt.

VLAVABBS gehoord in onderzoekscommissie “Kazachgate”

Een parlementaire onderzoekscommissie buigt zich momenteel over de onregelmatigheden bij de toepassing en totstandkoming van de afkoopwet voor fraudeurs waarvan de Kazachse miljardair Chodiev als eerste gebruik kon maken. Daarnaast onderzoekt de commissie ook op welke manier Chodiev en zijn zakenpartner Ibragimov de Belgische nationaliteit verkregen hebben, de eerste via naturalisatie, de tweede via een nationaliteitsverklaring op basis van 7 jaar verblijf in België.
Over de toenmalige procedure van de nationaliteitsverklaring op basis van art. 12bis § 1 3° van het Wetboek van de Belgische nationaliteit werden vorige woensdag Jennifer Schira (dienst Nationaliteit FOD Justitie), Danielle Adriaenssens (voorzitter van onze Franstalige zusterorganisatie GAPEC) en Steve Heylen (voorzitter VLAVABBS) als experts door de commissie opgeroepen. Eens te meer wordt onze vereniging erkend én gewaardeerd voor het aanbrengen van vakkennis in de Kamer.
De commissieleden waren vooral geïnteresseerd hoe de procedure van de nationaliteitsverklaring destijds in de praktijk verliep. De context van de “snel Belg wet” (2000) voorzag een minimale termijn van één maand voor het advies van parket. De adviezen van Staatsveiligheid en Dienst Vreemdelingenzaken waren via omzendbrief geregeld. De verschillen tussen naturalisatie bij de Kamer en de nationaliteitsverklaring bij de ambtenaar van de burgerlijke stand werden aangebracht en geduid. De drie sprekers kregen van de commissie ook de opdracht mee hun opmerkingen over pijnpunten in de huidige nationaliteitswetgeving over te maken met het oog op de toekomstige aanbevelingen.

Update onderrichtingen Binnenlandse Zaken

Een hele reeks onderrichtingen en bijlagen van de FOD Binnenlandse Zaken worden aangepast vanaf 1 januari 2017.
De omzendbrief van 13 december 2016 verduidelijkt de nieuwe spoedprocedures voor de uitreiking van de elektronische identiteitsdocumenten, terwijl de omzendbrief van 21 december 2016 de wijzigingen aan de fotomatrix (optrekken van de voorwaarden voor de pasfoto’s voor elektronische identiteitskaarten en kids-ID naar de van de paspoorten) en het invoeren van een uniek oproepingsmodel voor de vernieuwing en eerste uitreiking van de elektronische kaarten van zowel Belgen als vreemdelingen bespreekt.
De algemene onderrichtingen voor het bijhouden van de bevolkingsregisters werden eveneens vernieuwd, in het bijzonder betreffende de afgifte van de voorlopige identiteitskaarten. Enkel bij diefstal of verlies zal zeer uitzonderlijk (onmogelijkheid gebruik verruimde spoedprocedures of verkrijgen paspoort, geldigheidsdatum gestolen of verloren kaart niet verlopen) de aflevering van een voorlopige identiteitskaart mogelijk blijven centraal in Brussel.
De nieuwe spoedprocedures en fotomatrix geven ook aanleiding tot een herschrijving van de algemene onderrichtingen betreffende de Kids-ID en de algemene onderrichtingen betreffende de elektronische identiteitskaarten van Belgen. Ook de procedure in geval van aangifte van verlies/diefstal van een eID in het buitenland werd herschreven. Voortaan wordt overgegaan tot een directe annulering van de kaart met instemming van de burger, zodat ook de politiediensten sneller op de hoogte zijn van de diefstal of het verlies.

Wijziging decreet begraafplaatsen en lijkbezorging gepubliceerd

Op 25 november 2016 verscheen in het Staatsblad het decreet van 28 oktober 2016 houdende wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging. Voortaan zal niet elke individuele begraafplaats, maar het geheel van begraafplaatsen op het grondgebied van een gemeente alle vormen van lijkbezorging moeten aanbieden. Op die manier zou bv. een columbarium kunnen worden ingericht in een ontwijde parochiekerk die dan een neutrale gemeentelijke begraafplaats wordt. Ook zal er zich geen sluiting meer opdringen van een begraafplaats waar de ruimte voor één van de vormen van lijkbezorging uitgeput is.
Ook kunnen op oude begraafplaatsen de andere vormen van lijkbezorging waarvoor nog wel ruimte is verder worden aangeboden.
As uitstrooien of een asurne bijzetten of begraven op het openbaar domein wordt in de toekomst toegelaten. Het decreet spreekt over een door de gemeenteraad afgebakende andere plaats dan de begraafplaats. Gemeenten zullen delen van het openbaar domein kunnen aanduiden als plaats waar as kan worden uitgestrooid of de asurne worden bijgezet of begraven. Begraven mag echter enkel in een biologisch afbreekbare urne. Gemeenten zijn niet verplicht van deze mogelijkheid gebruik te maken, de gemeentelijke autonomie speelt bij het aanduiden van de precieze gebieden.
De nieuwe regels treden in werking vanaf 5 december 2016.

Uur van geboorte en overlijden in Rijksregister

In deze nieuwsbrief werd reeds melding gemaakt van de Wet van 9 november 2015 waarin onder meer beslist werd tot opname van het uur van geboorte en overlijden in het Rijksregister. Bij KB van 19 september 2016 werd de inwerkingtreding van deze bepaling vastgelegd op 6 december 2016. De onderrichtingen voor de collecte en de informatietypes 100 en 150 werden ondertussen ook aangepast: het uur wordt telkens na het aktenummer ingevoerd. De indienstelling van de nieuwe programma’s is wel een week uitgesteld van 6 tot 13 december 2016. Het is enkel de bedoeling om het uur in te voeren voor nieuwe dossiers, niet voor oude.

Administratieve vereenvoudiging statistieken huwelijken & echtscheidingen

De Algemene Directie Statistiek van de FOD Economie laat weten dat de verplichting om maandelijks de statistische bulletins over huwelijken (model II), echtscheidingen (model VI) en het verzendingsborderel op te sturen met onmiddellijke ingang wordt afgeschaft. De gemeenten hoeven voor 2016 dus niets meer te versturen. De Algemene Directie zal in de toekomst de benodigde gegevens uit het Rijksregister halen. Het KB van 6 september 2016 tot wijziging van het KB van 26 augustus 1966 (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 16 november 2016) officialiseert een en ander - ook de afschaffing van model IV (opgave huwelijken, echtscheidingen, geboorten en sterfgevallen) dat al sinds 2014 niet meer hoefde verstuurd te worden.

Afschaffing van de legalisatie binnen de EU

Op het VLAVABBS- en EVS-congres van mei laatstleden was de afschaffing van de Apostille binnen de EU één van de opvallende topics.
Op 9 juni 2016 stemde het Europees Parlement in met de afschaffing van de legalisatie (concreet de Apostille) binnen de EU op bepaalde officiële documenten (daarbij akten van de burgerlijke stand, bewijs van leven, attesten van leven, ongehuwde staat en woonst en uittreksels uit het strafregister). De Verordening (EU) 2016/1191 verscheen ondertussen in het Publicatieblad van de Europese Unie op 26 juli 2016.
Om vertalingen van officiële documenten zo veel als mogelijk te voorkomen, komen er Europese meertalige formulieren om bij de documenten te voegen. Deze hebben niet dezelfde bewijskracht als de documenten zelf, maar fungeren als “vertaalhulp”.
Wanneer men twijfelt aan de echtheid van een document kan men via het Europese IMI-systeem via een aantal standaardvragen de validiteit bepalen. De volledige Nederlandse tekst van de verordening vindt u hier.

Nieuwe legalisatiestickers met veiligheidskenmerken

De FOD Buitenlandse Zaken informeert de gemeenten dat nieuwe stickers in gebruik werden genomen, zowel te Brussel als bij de Belgische diplomatieke en consulaire posten, voor de legalisatie van documenten en het aanbrengen van de apostille. De stickers die in Brussel worden afgegeven zullen een nummer dragen dat begint met B en de stickers afgegeven door de Belgische consulaire posten dragen een nummer dat begint met P.
Deze nieuwe stickers (Apostille Brussel, legalisatie Brussel en legalisatie op post) beschikken over verschillende veiligheidskenmerken, die omwille van vertrouwelijkheid niet publiek gemaakt worden. De authenticiteit van de sticker en de legalisatie kan, zoals voorheen, geverifieerd worden op de website legalweb.
De FOD roept alle gemeenten ook op steeds goed de handtekeningen te deponeren voor al diegenen die akten ondertekenen die moeten gelegaliseerd worden (via formulier 'legalnet’).

Berichten Binnenlandse Zaken

  • De FOD Binnenlandse Zaken publiceerde onder meer op vraag van vele gemeenten een toelichtingsnota met bijlagen bij de omzendbrief van 25 maart 2016 met betrekking tot de inschrijving van gedetineerden. De inhoud van de zgn. Sidis-berichten die elke gemeente dagelijks toegestuurd krijgt, wordt verduidelijkt en gelinkt aan de modaliteiten van de inschrijving van de gedetineerden. Er wordt ook aangegeven hoe het mailadres waarop de gemeente de berichten krijgt kan worden aangepast. Ten slotte wordt het toesturen van de Sidis-berichten in csv-formaat (inleesbaar in excel) in het vooruitzicht gesteld.
  • De procedure voor verlies of diefstal van een elektronische identiteitskaart of KidsID in het buitenland wijzigt vanaf 1 november 2016. Voortaan wordt overgegaan tot een directe annulering van de kaart met instemming van de burger, zodat op die manier ook de politiediensten sneller op de hoogte zijn van het verlies of de diefstal. Een en ander kadert in de verscherpte strijd tegen identiteitsfraude zoals vooropgesteld in de omzendbrief van 27 mei 2016. Vorige week waren de gemeentelijke referentieambtenaren identiteitsfraude in Brussel uitgenodigd, onder meer over het gebruik van de signalementsfiche identiteitsfraude waarover de komende maanden verdere toelichting wordt verschaft op provinciale vormingen.
  • De nieuwe tarieven voor 2017 voor de identiteitsdocumenten werden gepubliceerd. Vanaf 1 juli 2017 zullen de tarieven voor de spoedprocedures aanzienlijk verlaagd worden.
  • Verder wijzigen vanaf 15 januari 2017 de modaliteiten van de spoedprocedures voor de uitreiking van elektronische identiteitsdocumenten. Concreet wordt de uitreiking van de (papieren) voorlopige identiteitsdocumenten in de provincies afgeschaft en vervangen door gewone elektronische documenten die met spoed in de gemeenten afgeleverd worden (spoed D+2 of extreme spoed D+1 telkens vanaf 14.00u) of gecentraliseerd bij Binnenlandse Zaken in Brussel (zeer extreme spoed D+1 in de voormiddag). Enkel bij diefstal of verlies zal zeer uitzonderlijk (onmogelijkheid gebruik spoedprocedures of verkrijgen paspoort, geldigheidsdatum gestolen of verloren kaart niet verlopen) de aflevering van een voorlopige identiteitskaart mogelijk blijven in Brussel.

Voortaan Apostille op Marokkaanse documenten

Vier landen traden recent toe tot de Conventie van Den Haag van 5 oktober 1961 (Apostille-Verdrag). Het gaat om:
- Kosovo vanaf 14/07/2016
- Brazilië vanaf 14/08/2016
- Marokko vanaf 14/08/2016
- Chili vanaf 30/08/2016.
Dit betekent concreet dat voor documenten uit deze landen er niet langer een legalisatie door het bevoegde Belgisch consulaat of de diplomatieke post noodzakelijk is, maar wel een Apostille. De lokale autoriteit die in de respectievelijke landen de Apostille plaatst is te vinden op de website van de Haagse Conferentie.
Up-to-date informatie over welke legalisatie noodzakelijk is op welk document vindt u steeds op de website van de FOD Buitenlandse Zaken.

Platform adviezen FOD Justitie

Het Directoraat-generaal Wetgeving, fundamentele rechten en vrijheden van de FOD Justitie heeft een elektronisch platform ontwikkeld waarop de door de FOD uitgebrachte adviezen op vlak van familierecht, burgerlijke stand en nationaliteit kunnen geraadpleegd worden door de ambtenaren van de burgerlijke stand. Gaandeweg zal het platform aangevuld worden. De ter beschikking gestelde adviezen zijn niet rechtstreeks bedoeld voor het publiek.
Ambtenaren werkzaam op diensten burgerlijke stand die gebruik willen maken van het platform, dienen een formulier in te vullen via deze link. Elke persoon die toegang wenst, dient zich apart aan te melden.

Geactualiseerde onderrichtingen bevolkingsregisters

Op 30 juni 2016 verscheen een geactualiseerde versie van de Algemene Onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters.
Twee aanpassingen zijn van belang:
- model 9 bepaalt voortaan dat het voor de burger belangrijk is om zich eerst aan te melden bij het gemeentebestuur voor een nieuwe aanvraag tot inschrijving bij weigering alvorens zicht tot de FOD Binnenlandse Zaken te wenden voor de beroepsprocedure (nr. 72)
- modellen van onderzoeksverslagen voor een ambtshalve inschrijving of afvoering worden ter beschikking gesteld (nr. 95).

Afschaffing legalisatie van stukken diplomatieke en consulaire ambtenaren

Nog een nieuwsbericht over legalisatie, voor onmiddellijke toepassing! Op 3 juni 2016 verscheen immers in het Staatsblad de Wet van 19 februari 2016 houdende instemming met de Europese Overeenkomst inzake de afschaffing van legalisatie van stukken opgemaakt door diplomatieke of consulaire ambtenaren, gedaan te Londen op 7 juni 1968. Dit betekent concreet de afschaffing van de legalisatie op documenten afgeleverd door ambassades en consulaten die partij zijn bij de Overeenkomst. Dit zijn momenteel Duitsland, Oostenrijk, België (vanaf 15 juni 2016), Cyprus, Spanje, Estland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Liechtenstein, Luxemburg, Moldavië, Noorwegen, Nederland, Polen, Portugal, Roemenië, Verenigd Koninkrijk, Zweden, Zwitserland, Tsjechië en Turkije.
Bij twijfel kan steeds de website van de FOD Buitenlandse Zaken worden geraadpleegd.

Officiële selectielijst archieven burgerlijke stand en bevolking

VLAVABBS krijgt regelmatig vragen over het bewaren en vernietigen van documenten opgemaakt binnen diensten burgerzaken. De vereniging verwijst door naar de selectielijst Vlaamse gemeentearchieven van de Vlaamse Vereniging voor Bibliotheek, Archief & Documentatie (VVBAD), die goedgekeurd werd door de Algemeen Rijksarchivaris. Deze lijst is terug te vinden op de website van de VVBAD.

Algemene onderrichtingen bevolkingsregisters geactualiseerd

De FOD Binnenlandse Zaken laat weten dat de Algemene Onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters werden geactualiseerd. Het betreft:
- punt 28: verduidelijking gelet op het schrappen van het beroep als wettelijk informatiegegeven cfr. omzendbrief van 2 februari 2016
- punt 61: vereenvoudiging van de omschrijving van het model 1 cfr. omzendbrief van 25 september 2015
- punt 81, 83, 89: modernisering verificatie van de Sidis gegevensbank (gedetineerden) bij de FOD Justitie, DG EPI cfr. omzendbrief van 25 maart 2016 en bijlage met info SIDIS
- punt 124: vermelding van de procedure minnelijke schikking als rechtsgrond tot het verstrekken van informatie uit de bevolkingsregisters cfr. aanbeveling 06/2012 van de Privacycommissie.

Nieuw informatiegegeven 021 "Gedeeld verblijf"

Het Koninklijk Besluit van 26 december 2015 voert een nieuw informatiegegeven om de verdeelde huisvesting van minderjarigen te registreren in. Het wordt voortaan mogelijk om in de dossiers van ouder en niet-ontvoogde minderjarige te vermelden dat deze af en toe of voor de helft van de tijd verblijft bij de ouder bij wie hij/zij niet ingeschreven is.
Deze aanpassing kwam tot stand naar aanleiding van een wetsvoorstel, waarover VLAVABBS op vraag van de Kamercommissie Binnenlandse Zaken advies mocht uitbrengen.
Het Rijksregister informeerde ondertussen de gemeenten van de wijzigingen en werkte onderrichtingen voor het nieuwe IT021 uit.
Enkele leden vroegen ons naar een model dat we u in de bijlagen voorstellen/aanbieden:
- om de melding van het gedeeld verblijf te noteren/bevestigen;
- van getuigschrift om het gedeeld verblijf te bewijzen te attesteren;
- van brief om een ouder te verwittigen bij geen schriftelijke overeenkomst.

Wijziging legalisatie documenten Syrië

Bij KB van 5 februari 2016 (Belgisch Staatsblad 15 februari 2016) wijzigt het ressort van het consulaat-generaal van België in Beiroet (Libanon): voortaan maakt naast Libanon ook Syrië daar deel van uit. Dit betekent concreet dat vanaf 25 februari 2016 enkel het consulaat-generaal van België in Beiroet bevoegd is voor de legalisatie van Syrische documenten. Het consulaat-generaal van België te Amman (Jordanië) is niet langer bevoegd voor de legalisatie van Syrische documenten, maar blijft wel bevoegd voor de legalisatie van documenten uit Jordanië en Irak.

China schrapt het bewijs van burgerlijke staat

Sinds september 2015 worden in de Volksrepubliek China geen bewijzen die de burgerlijke staat aanduiden meer uitgereikt. Intern in de Volksrepubliek hadden burgers een dergelijk attest nodig om bv. een banklening te verkrijgen. Geen enkele Chinese instelling mag dit nog opvragen bij de burger. Indien de wet toch vereist dat de burgerlijke staat wordt bewezen moet de Chinese instelling het attest zelf opvragen bij het bevoegde departement voor burgerlijke zaken.
Het schrappen van het bewijs heeft uiteraard ook gevolgen voor het buitenland wanneer bv. een Chinese staatsburger wenst te huwen. De buitenlandse overheden kunnen het attest niet meer verkrijgen of opvragen. Om enigszins tegemoet te komen aan de vereisten uit het buitenland, voorziet de Chinese ambassade een verklaring op eer die de Chinese staatsburger voor de consul kan afleggen. Dit document kan vervolgens gelegaliseerd worden bij de FOD Buitenlandse Zaken.

Opheffing Wet 14 juli 1966

Bij Wet van 13 december 2015 (Belgisch Staatsblad 6 januari 2016) werd de Wet van 14 juli 1966 betreffende sommige buiten het Rijk opgemaakte akten van de burgerlijk stand opgeheven. Sinds het ministerieel besluit van 22 maart 2011 (Belgisch Staatsblad 4 mei 2011) was de mogelijkheid tot neerlegging van buitenlandse akten in de archieven van het departement Buitenlandse Zaken reeds volledig opgeheven. Nu wordt ook de Wet van 14 juli 1966, die voorziet dat vreemde akten en vonnissen aangaande de burgerlijke stand van Belgen kunnen neergelegd worden in de archieven van Buitenlandse Zaken en dat afschriften en uittreksels van deze neergelegde documenten konden verkregen worden, afgeschaft. De Wet van 14 juli 1966 was in feite reeds overbodig geworden door de invoering van art. 48 burgerlijk wetboek. Dit artikel laat immers toe dat vreemde akten die op een Belg slaan, steeds in een Belgische gemeente kunnen overgeschreven worden. De wetgever heeft nu ook beslist dat de bij Buitenlandse Zaken neergelegde documenten (zo'n 350.000 stuks) worden overgedragen aan de stad Brussel. Tegelijkertijd werd ook de collectie overgedragen van de akten die voor 1960 neergelegd werden bij het voormalig Ministerie van Koloniën en op de FOD Buitenlandse Zaken gearchiveerd waren. De ambtenaar van de burgerlijke stand van de stad Brussel is voortaan bevoegd uittreksels en eensluidende afschriften van deze neergelegde akten en vonnissen af te leveren. Vanaf inwerkingtreding van de wet - 16 januari 2016 - kan burgerlijke stand Brussel de nodige afschriften en uittreksels afleveren. Een afschrift of een uittreksel vragen bij de stad Brussel kan:
• aan het loket of per post: Stad Brussel – Dienst Burgerlijke Stand – Uittreksels Anspachlaan 6 – 1000 Brussel
• via e-mail: burgerlijkestand.dem@brucity.be
• per fax: 02-279.35.79

Aanpassingen onderrichtingen bevolking

De nieuwe bepalingen van de wet van 9 november 2015 houdende diverse bepalingen Binnenlandse Zaken (Belgisch Staatsblad 30 november 2015) op vlak van de voorlopige inschrijving, de inschrijving op referentieadres van gedetineerden en de beroepsprocedure inzake betwisting van de verblijfplaats zijn in werking getreden. Bij Omzendbrief van 22 december 2015 wordt hierbij toelichting gegeven. Ook de Algemene onderrichtingen betreffende het houden van de bevolkingsregisters werden aangepast.

Diverse bepalingen Binnenlandse Zaken

Op 30 november 2015 verscheen in Staatsblad de Wet houdende diverse bepalingen Binnenlandse Zaken. Voor burgerzaken zijn de belangrijkste wijzigingen:
- het Rijksregister krijgt expliciet als doelstelling het versterken van de preventie en bestrijding van identiteitsfraude. Daartoe zullen in de toekomst ook de foto’s en handtekeningen van de houder van een eID worden opgeslagen. Gisteren nam VLAVABBS nog deel aan een de voorbereiding van de concrete uitwerking van de omzendbrief die gericht zal worden aan de gemeentelijke referentieambtenaren identiteitsfraude.
- een aantal administratieve vereenvoudigingen voor het Rijksregister inzake het beroep met betrekking tot de bepaling van de hoofdverblijfplaats, de voorlopige inschrijving in de bevolkingsregisters, de hoofdverblijfplaats van gedetineerden en de leesbaarheid van het wettelijk informatiegegeven over de rechtsonbekwaamheid
- de vervollediging van het Rijksregister met contactgegevens (telefoonnummer gsm-nummer, e-mailadres) die op vrijwillige basis door de burger worden verstrekt, het uur van geboorte en overlijden en de opname van extra vreemdelingen met “bijzonder statuut” (protocol).
Binnenlandse Zaken zal uitgebreide toelichtingen publiceren naar aanleiding van de nieuwe uitvoeringsbesluiten, onderrichtingen en omzendbrieven die op basis van deze wet volgen en ook via deze website kunnen gevolgd worden.

Afschaffing "staat 182"

De Vlaamse Belastingsdienst nam vanaf 1 januari 2015 de inning van sommige registratierechten en van de successierechten over van de FOD Financiën. De overname werd begeleid door een grondige hervorming van de bestaande regelgeving dienaangaande. Waar mogelijk werd een en ander ook vereenvoudigd. Zo werd de opmaak van de maandelijkse staat 182 van de sterfgevallen afgeschaft. Deze was in de praktijk eigenlijk reeds achterhaald, daar de bevoegde diensten over de overlijdens beschikten via het Rijksregister.
Art. 38 10° van het Besluit van de Vlaamse Regering van 19 december 2014 tot wijziging van het besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit van 20 december 2013 en diverse andere bepalingen in het licht van de overname van de dienst van de registratie- en erfbelasting (Belgisch Staatsblad, 22 januari 2015) heft met inwerkingtreding van 1 januari 2015 (art. 41 van het aangehaald Besluit van de Vlaamse Regering van 19 december 2014) art. 5 van het Koninklijk Besluit van 31 maart 1936 houdende algemeen reglement van de successierechten op. Het afgeschafte art. 5 van het KB van 31 maart 1936 voorzag de opmaak voor de 15e van elke maand door het college van burgemeester en schepenen van een staat met al de tijdens de vorige maand aan de ambtenaar van de burgerlijke stand aangegeven sterfgevallen, alsook van de buiten de gemeente voorgekomen sterfgevallen waarvan de ambtenaar van de burgerlijke stand had kennis gekregen.
Ook de wetgevende basis van de staat 182 werd afgeschaft. Art. 322 4° van het Decreet van 19 december 2014 tot wijziging van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 (Belgisch Staatsblad, 29 januari 2015) heft met inwerkingtreding van 1 januari 2015 (art. 325 van het aangehaald Decreet van 19 december 2014) art. 104 van het Wetboek van Successierechten op. Het afgeschafte art. 104 van het Wetboek van Successierechten gaf de Koning de opdracht de nodige maatregelen te nemen opdat de gemeentebesturen bericht geven van de overlijdens aan de ontvangers der successierechten en hun aanduiden, in zoverre bedoelde besturen ervan kennis hebben, of de overleden personen al dan niet roerende of onroerende goederen bezaten.

Nieuw verzendingsborderel sterfte en geboorte

Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid verspreidt een nieuw “Verzendingsborderel van telkaarten” voor de maandelijkse verzending van geboorte- en sterftemodellen. Onder andere de huisstijl en de benaming van de verantwoordelijke afdeling werden aangepast. Omdat de borderellen en de certificaten gescand worden voor verwerking, is het van belang het nieuwe formulier te gebruiken dat automatisch herkend wordt. Zorg en Gezondheid vestigt ook de aandacht van de gemeenten op enkele tips voor verzameling en verzending.

Archief nieuwsbrieven VLAVABBS

De VLAVABBS-nieuwsbrieven blijven beschikbaar via deze link.

Schijnhuwelijken België-Nederland-België

Onze Nederlandse collega’s van het Adviesbureau van onze zustervereniging de NVVB, maken er ons op attent dat zij een bijzondere sluiproute om regels over huwelijken te omzeilen hebben vastgesteld. Het gaat om inwoners van België die zich “even” in Nederland inschrijven om aldaar te trouwen of hun buitenlands huwelijk te laten inschrijven. Na hun huwelijk keren ze terug naar België.
Onze Nederlandse collega’s merken op dat de procedure schijnhuwelijk momenteel minder zorgvuldig is dan voorheen. De oude Nederlandse procedure ter bestrijding van schijnhuwelijken die voorzag dat inlichtingen werden ingewonnen bij de vreemdelingenpolitie, is per 1 september 2015 vervallen. Er is nog geen alternatieve werkwijze voor in de plaats gekomen.
Bovendien is er voor Nederland technisch gezien geen sprake van een schijnhuwelijk. De Nederlandse wetgeving definieert een schijnhuwelijk als een huwelijk dat uitsluitend wordt aangegaan met het oogmerk om toegang tot Nederland te krijgen. Dat maakt het extra lastig om een schijnhuwelijk te bewijzen als het huwelijk erop gericht is om tot België te worden toegelaten.

Rechtsplegingsvergoeding schijnrelaties

Slecht nieuws voor de strijd tegen schijnrelaties. Het Grondwettelijk Hof herziet in een recent arrest zijn houding tegenover de rechtsplegingsvergoeding te betalen door de ambtenaar van de burgerlijke stand wanneer hij een beroepsprocedure tegen een weigeringsbeslissing wegens schijnrelatie verliest.
De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. Wie een proces verliest, wordt in beginsel verplicht een rechtsplegingsvergoeding te betalen aan de tegenpartij.
De vraag rees of het grondwettig was dat overheden die optreden in het algemeen belang konden worden veroordeeld tot een rechtsplegingsvergoeding. Het Hof komt in de arresten terug op een deel van zijn rechtspraak, gelet op een recente wetswijziging die ook bij de Raad van State een rechtsplegingsvergoeding invoert. Het Hof stelt dat voor burgerlijke rechtscolleges de regeling van de rechtsplegingsvergoeding van toepassing is op alle partijen, dus ook op overheden die handelen in het algemeen belang. Zo kan de ambtenaar van de burgerlijke stand voortaan tot een rechtsplegingsvergoeding worden veroordeeld naar aanleiding een succesvol beroep tegen een beslissing van de ambtenaar van burgerlijke stand om het voltrekken van een huwelijk te weigeren.
VLAVABBS vraagt zich af of een wetswijziging niet aangewezen is: voor de ambtenaar van de burgerlijke stand betekent dit een stevige meerkost, terwijl hij enkel handelt in het algemeen belang in uitvoering van wetgeving die hem vraagt te strijden tegen schijnrelaties.

Afschaffing taken ambtenaar burgerlijke stand voor huwelijksovereenkomsten en notariële overeenkomsten wettelijke samenwoning

Op 1 september 2015 treden de bepalingen in verband met het centraal huwelijksovereenkomstenregister van de Wet van 14 januari 2013 houdende diverse bepalingen inzake werklastvermindering binnen Justitie (Belgisch Staatsblad 1 maart 2013) in werking.
Huwelijksovereenkomsten alsook notariële overeenkomsten bij wettelijke samenwoningen, worden door de notarissen uitsluitend nog geregistreerd in het centraal huwelijksovereenkomstenregister. Via een notaris of deurwaarder kunnen derden kennis nemen van de informatie.
Concreet vervalt voor de burgerlijke stand de verplichting tot het vermelden van de gegevens van het huwelijkscontract in de huwelijksakte voor alle vanaf 1 september 2015 afgesloten huwelijken – ongeacht de datum van het contract. Daarnaast geldt dat alle wijzigingsakten aan het huwelijksvermogenstelsel die opgemaakt worden vanaf 1 september 2015 niet langer gekantmeld worden bij de huwelijksakte. De wijzigingsakten opgemaakt tot en met 31 augustus 2015 worden wel nog gekantmeld zoals voorheen.
Ook bij het overhandigen van een verklaring tot wettelijke samenwoning worden vanaf 1 september 2015 de gegevens van een eventuele notariële overeenkomst niet langer vermeld in de verklaring van wettelijke samenwoning en geregistreerd in de bevolkingsregisters, hierbij is het wel aangewezen de notariële contracten opgemaakt tot en met 31 augustus 2015 nog te registreren in het bevolkingsregister.
VLAVABBBS maakte een overzichtsdocument over deze belangrijke wijzigingen.

Update kleinere wetswijzigingen

De voorbije twee maanden werden heel wat nieuwe regelgeving in het Staatsblad gepubliceerd. Een eerste reeks heeft te maken met de anti-terrorisme-maatregelen, waartoe ook de wijziging aan het Wetboek van de Belgische nationaliteit (zie lager) behoorde:
- afgifte, intrekking en ongeldigverklaring identiteitskaarten
- intrekking of ongeldigverklaring paspoorten (Consulair Wetboek).
Op 5 januari 2016 verschenen twee KB's ter bepaling van datum van inwerkingtreding en verdere modaliteiten voor de intrekking, ongeldigverklaring en weigering van de afgifte van een identiteitskaart, paspoort of reisdocument.
De andere handelen over:
- adoptie: decreet en herziene Europese Overeenkomst inzake de adoptie van kinderen
- het nieuwe beschermingsstatuut voor onbekwamen
- de vertegenwoordiging van wettelijk samenwonenden
- hoger beroep bij echtscheiding in geval van verzoening
- de aflevering van de kids-ID in het buitenland.

Hoorzitting Kamer levenloos geboren kinderen

Het adviseren en beïnvloeden van de hogere overheden is altijd een hoofdopdracht van Vlavabbs geweest, vaak gebeurt dit achter de schermen soms treden we voor het voetlicht. Op 30 juni 2015 was VLAVABBS uitgenodigd in de Kamercommissie Justitie voor een hoorzitting over de akten van aangifte van levenloos geboren kinderen. De VLAVABBS-passage in de Commissie bleef alvast niet onopgemerkt: vele vragen werden gesteld over hoe de akte van aangifte van levenloos kind nu opgemaakt werd, de relatie met de levensvatbaarheidsgrens van de vrucht en het onderscheid tussen een geboorte- en overlijdensakte.

AANBEVOLEN: Gezinshereniging in de praktijk bij de gemeentelijke administratie

De Koning Boudewijnstichting publiceert samen met VLAVABBS en GAPEC de brochure “Gezinshereniging. In de praktijk bij de gemeentelijke administratie”. Voor de redactie tekende het Agentschap Alter. De publicatie kan vanaf 1 juni 2015 verkregen worden bij de Stichting en blijft ook elektronisch beschikbaar.

Rijksregister instructies afstamming IT 110 en IT 114

Op 5 juni 2015 stelde het Rijksregister praktische onderrichtingen ter beschikking over de twee nieuwe wettelijke informatietypes: de afstamming in opgaande (IT 110) en nederdalende lijn (IT 114).
Bij een nieuwe collecte van een kind wordt de afstamming in opgaande lijn (IT 110) onmiddellijk opgenomen in het dossier en automatisch bijgewerkt in het IT 114 in de dossiers van de ouders. De onderrichtingen gaan in op twee mogelijke verwerpingen en een reeks noodzakelijke kleine aanpassingen om fouten te vermijden.
De diensten van het Rijksregister zorgen voor de automatische bijwerking van het IT 114 in de dossiers van de ouders wanneer er in het dossier van het kind slechts één informatiegegeven voor het IT 110 staat vermeld (als typevoorbeeld kan een ouderlijke afstamming gelden). Op die manier worden 92,92% van de dossiers automatisch bijgewerkt.
Bij twee of meerdere informatiegegevens in het IT 110 (als voorbeeld kan een moederlijke afstamming met nadien een erkenning door de vader genoemd worden) dient de bijwerking van het IT 114 rechtstreeks in het dossier van de ouders door de gemeente te gebeuren. Het Rijksregister stelt lijsten van deze kinderen ter beschikking in de week van 6 juli 2015. Wanneer de ouders niet ingeschreven zijn in de gemeente van beheer van het kind, ingeschreven zijn in het buitenland, van ambtswege afgevoerd of afgeschreven naar het buitenland, dient het dossier - gegroepeerd per gemeente - bezorgd te worden aan de regionale afvaardiging. Wanneer de ouders zijn overleden of nooit werden gecollecteerd, is er geen bijwerking nodig. Een bijwerking via een fictief nummer is wel noodzakelijk als de ouders ingeschreven zijn in België en kinderen van vreemde nationaliteit hebben in het buitenland.
Tot slot: het Rijksregister stelde op 12 juni 2015 voor alle betrokken gemeenten opnieuw een lijst ter beschikking van dossiers die geen enkele informatie betreffende de afstamming in het IT 110 bevatten (1,32% van de dossiers). De informatie van het IT 110 kan uiteraard nooit louter op verklaring worden bijgewerkt: bij geen of onvoldoende documentair bewijs wordt een onbekende afstamming genoteerd.
Wettelijke achtergrond: zie lager Aanpassingen Rijksregister 1 januari 2015.

Gedwongen huwelijken: handleiding

Het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen realiseerde een handleiding over gedwongen huwelijken bestemd voor professionelen die in hun werk met dit fenomeen kunnen in contact komen, waaronder natuurlijk ook in eerste plaats de ambtenaren van de burgerlijke stand. De handleiding bevat een uiteenzetting van de problematiek van gedwongen huwelijken (definitie van het concept, de begrippen instemming en dwang, partnerkeuze en het huwelijk in een migratiecontext, enz.), en een overzicht van de risicofactoren die het mogelijk maken om risicosituaties of daadwerkelijke gevallen van gedwongen huwelijk vast te stellen. De handleiding omvat ook adviezen over het gepaste gedrag tegenover slachtoffers en over stappen die moeten genomen worden om hen bij te staan en/of door te verwijzen naar de bevoegde diensten. De handleiding raadplegen of bestellen kan op de website van het Instituut.

Genealogische firma wenst zelf opzoekingen te doen

VLAVABBS wordt om advies gevraagd door gemeenten die de vraag krijgen van een genealogische firma om tegen betaling zelf opzoekingen te doen in de registers van de burgerlijke stand én in de bevolkingsregisters.
De vereniging is van mening dat een derde (zelfs een genealogische firma onder mandaat van een notaris om genealogische opzoekingen te doen in het kader van erfenis) niet gerechtigd is om zelf opzoekingen te doen in de registers van de burgerlijke stand, noch in de bevolkingsregisters tenzij het om akten van de burgerlijke stand gaat van meer dan 100 jaar oud of bevolkingsregisters die meer dan 120 jaar geleden werden afgesloten.
Wat de registers van de burgerlijke stand jonger dan 100 jaar betreft sluit art. 45 Burgerlijk Wetboek (BW) in beginsel een rechtstreekse raadpleging van de registers door derden ongeacht de hoedanigheid uit, er is wel een recht van toegang onder de vorm van uittreksels en afschriften. De registers van de burgerlijke stand van meer dan 100 jaar oud zijn wel zelf raadpleegbaar in de rijksarchieven of de gemeentelijke archiefdiensten.
Het KB van 16 juli 1992 betreffende het verkrijgen van informatie uit de bevolkingsregisters en het vreemdelingenregister (zoals recent gewijzigd door het KB van 5 januari 2014 dat een verruiming voorzag voor het verkrijgen van informatie uit de bevolkingsregisters voor genealogische, historische of andere wetenschappelijke doeleinden) voorziet:
- een rechtstreekse raadpleging van de bevolkingsregisters door derden voor genealogische doelen wanneer de registers meer dan 120 jaar geleden werden afgesloten. Het college bepaalt de raadplegingsmodaliteiten onder toezicht van de gemeentelijke veiligheidsconsulent - geen rechtstreekse raadpleging maar wel de aflevering via uittreksels en getuigschriften voor genealogische doelen wanneer de registers minder dan 120 jaar geleden werden afgesloten wanneer de betrokken persoon, diens langstlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende partner of één van de afstammelingen in eerste graad hun toestemming geven
- geen rechtstreekse raadpleging maar wel de aflevering via uittreksels en getuigschriften uit de bevolkingsregisters van minder dan 100 jaar oud in zoverre er een wettelijke basis is (opvragen erfgenamen kan als dusdanig beschouwd worden).
Tot slot: ook het finaliteits- en proportionaliteitsbeginsel uit de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens zijn van toepassing. Inzake finaliteit (opzoeken erfgenamen onder mandaat notaris) lijkt er geen probleem. Het proportionaliteitsbeginsel (gemeente moet er over waken niet meer informatie te verstrekken dan nodig voor het doeleinde van de aanvrager) kan echter al niet gegarandeerd worden als de aanvrager zelf de registers raadpleegt en dus kennis kan nemen van de andere te beschermen persoonsgegevens die niet nodig zijn voor de finaliteit van zijn opzoekingen.

Consulair Wetboek

Op 21 januari 2014 verscheen in het Staatsblad de Wet van 21 december 2013 houdende het Consulair Wetboek. Het Consulair Wetboek groepeert een aantal oude wetgevingen op consulair gebied, moderniseert de oude teksten, schaft bepalingen af of past deze aan waar nodig. Een groot deel van de behandelde materies raken rechtstreeks deze van de burgerlijke stand of bevolking.
Hoofdstuk 3 van het Consulair Wetboek regelt de uitoefening van de bevoegdheid burgerlijke stand in de consulaire posten. Zo worden de huwelijken op post afgeschaft, inzake akten van erkenning en naamgeving is er dan weer een uitbreiding van de bevoegdheid. Belgische ambtenaren van de burgerlijke stand krijgen de bevoegdheid overlijdensakten op te maken voor Belgen die in het buitenland overleden buiten het ressort van elk Belgisch consulaat.
Hoofdstuk 5 bepaalt o.m. hoe de registers van de burgerlijke stand gehouden worden, dit kan ook op elektronische wijze. Hoofdstuk 6 regelt de bevoegdheid van de consulaire posten inzake nationaliteit en hoofdstuk 7 de legalisatie en het onderzoek van vreemde documenten. Elke overheid, ook een gemeentebestuur, kan een inhoudelijk onderzoek vragen naar de inhoudelijke juistheid van een akte. De kosten worden gedragen door diegene die het document voorlegt. Indien de akte of het document authentiek worden bevonden zijn de kosten voor staat.
Hoofdstuk 8 omvat de regels over de consulaire bevolkingsregisters en de afgifte van identiteitskaarten. Hoofdstuk 10 handelt over de afgifte van paspoorten, hoofdstuk 11 over de consulaire attesten. Hoofdstuk 12 ten slotte gaat over de geboorte en het overlijden aan boord van schepen en vliegtuigen en de rol van de consulaire posten hierbij.
Het Consulair Wetboek trad in werking op 15 juni 2014 (KB van 19 april 2014 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 21 december 2013 houdende het Consulair Wetboek, Belgisch Staatsblad 30 april 2014). Op 4 juni 2014 verschenen in het Staatsblad 4 KB's en een MB die de verdere uitvoeringsmodaliteiten van de in het Consulair Wetboek opgenomen bepalingen regelen met betrekking tot de consulaire bevolkingsregisters, legalisatie, consulaire nationaliteitsattesten, identiteitskaarten en paspoorten.
De wet van 18 december 2014 (Reparatiewet afstamming meemoeder en nieuwe naamrecht) past het Consulair Wetboek in die zin aan dat ouders van Belgische kinderen die hun woonplaats in het buitenland hebben voortaan op de ambassades/consulaten terecht kunnen voor het afleggen van een verklaring van naamkeuze ingevolge het overgangsrecht.
Op 22 januari 2015 verscheen een vernieuwde Omzendbrief in het Staatsblad inzake de legalisatie en de mogelijkheid tot het laten verrichten van een onderzoek naar de echtheid, inhoudelijke authenticiteit en conformiteit aan de lokale wetgeving van vreemde documenten.

Strafregister-update: uitstel afschaffing gemeentelijk strafregister met 3 jaar verlengd

VVSG en VLAVABBS zitten sinds juli samen met FOD Justitie om de geplande afschaffing van het gemeentelijk strafregister tegen 1 januari 2015 voor te bereiden. Hoewel er de voorbije maanden constructief overleg plaatsvond, zag het er steeds meer naar uit dat FOD Justitie opnieuw de deadline niet zou halen. Op 29 december 2014 verscheen in het Staatsblad de wet diverse bepalingen Justitie (hoofdstuk 10), die de inwerkingtreding van het Centraal Strafregister en het verdwijnen van het gemeentelijk strafregister uitstelt met een periode van 3 jaar. Een en ander wordt verduidelijkt door Omzendbrief nr. 240 die in het Staatsblad verscheen op 16 februari 2014.

Aanpassingen Rijksregister 1 januari 2015

Het Rijksregister publiceerde op 22 december 2014 eerste onderrichtingen over een aantal wijzigingen die ingaan op 1 januari 2015. Het gaat over de nieuwe wettelijke informatiegegevens in het Rijksregister (ascendenten in eerste graad, afstammelingen in eerste graad en de rechtsbekwaamheid), de invoer van de gegevens van de akten van de burgerlijke stand in het Rijksregister door de ambtenaren van de burgerlijke stand die de akten opstelden en de afstamming van de meemoeder.
Op 22 december 2014 verscheen in het Staatsblad het Koninklijk Besluit van 5 december 2014 tot wijziging van het KB van 3 april 1984 betreffende de toegang door sommige openbare overheden tot het Rijksregister van de natuurlijke personen, alsmede betreffende het bijhouden en de controle van de informaties, teneinde de procedure en de modaliteiten voor de verificatie van de opname in het Rijksregister door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de in de akten van de burgerlijke stand opgenomen gegevens, te regelen. De inwerkingtreding is voorzien op 1 januari 2015.
De Wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging verschenen in het Staatsblad op 31 december 2013 creëerde reeds een wettelijke basis voor het opnemen van de gegevens uit de akten van de burgerlijke stand in het Rijksregister door de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte heeft opgemaakt. Tot nu toe was wettelijk gezien enkel de gemeente van woonst bevoegd, al bestonden er twee projecten van het Rijksregister "collecte in de geboorteplaats" en "e-death" waarbij respectievelijk de geboorteplaats en overlijdensplaats reeds instonden voor de collecte en het bijwerken van het Rijksregister. Het huidig KB werkt het principe van de rechtstreekse invoer van de gegevens in het Rijksregister door de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte van de burgerlijke stand heeft opgesteld verder uit. Het gaat om geboorteakten, met uitzondering van geboorteakten van kinderen van asielaanvragers die moeten ingeschreven worden in het Wachtregister, huwelijks- en overlijdensakten. De bevolkingsdienst krijgt een elektronische melding ter verificatie van de gegevens. Als er een fout wordt vastgesteld, dient de ambtenaar van de burgerlijke stand die de akte opstelde op de hoogte te worden gebracht. Deze kan een procedure art. 99-100 of vonnis van verbetering opstarten. De praktische onderrichtingen voor de gegevensinvoer werden door het Rijksregister gepubliceerd op 12 januari 2015.
Op 10 december 2014 verscheen in het Staatsblad het Koninklijk Besluit van 23 november 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 juli 1992 tot vaststelling van de informatie die opgenomen wordt in de bevolkingsregisters en in het vreemdelingenregister en het koninklijk besluit van 8 januari 2006 tot bepaling van de informatietypes, verbonden met de informatiegegevens bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, met het oog op de opname van de informatiegegevens betreffende de afstamming. Ook dit KB verscheen in uitvoering van de Wet van 15 december 2013 houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging verschenen in het Staatsblad op 31 december 2013. De afstamming in rechtstreekse opgaande (IT 110) en nederdalende lijn (IT 114) worden vanaf 1 januari 2015 als wettelijke informatiegegevens in het Rijksregister opgenomen.

Reparatiewet afstamming meemoeder en nieuwe naamrecht

In het Staatsblad verscheen op 23 december 2014 de wet van 18 december 2014 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van internationaal privaatrecht, het Consulair Wetboek, de wet van 14 mei 2014 houdende de vaststelling van de afstamming van de meemoeder en de wet van 8 mei 2014 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek met het oog op de invoering van de gelijkheid tussen mannen en vrouwen bij de wijze van naamsoverdracht aan het kind en aan de geadopteerde. De wet treedt in werking op 1 januari 2015 samen met de afstamming van de meemoeder. Het door deze reparatiewet herschreven overgangsrecht met betrekking tot de verklaringen van naamkeuze voor kinderen geboren of geadopteerd voor 1 juni 2014 (art. 12 van de Wet van 8 mei 2014) geldt retroactief vanaf 1 juni 2014. VLAVABBS stelt een volledige gecoördineerde versie van de wetgeving inzake afstamming en naam (wijzigingen nieuwe naamrecht, afstamming meemoeder én Reparatiewet) ter beschikking. Met het oog op de praktische toepassing verscheen op 29 december 2014 in het Staatsblad ook een Omzendbrief van de Minister van Justitie.
De reparatiewet bevat als belangrijkste onderdelen (naast enkele juridisch-technische verbeteringen van de verwijzingen en sommige bewoordingen):
* de meemoeder toe te laten het vaderschap te betwisten in bepaalde gevallen zoals dat omgekeerd ook reeds mogelijk was
* het internationaal privaatrecht te verduidelijken wat het toepasselijk recht en de bevoegde rechter betreft bij de vestiging van een afstammingsband langs meemoederszijde (voor het vestigen van een afstammingsband geldt voortaan steeds het recht van de staat waarvan de persoon in kwestie de nationaliteit heeft)
* ouders van Belgische kinderen die hun woonplaats in het buitenland hebben kunnen voortaan terecht op de ambassades/consulaten voor het afleggen van een verklaring van naamkeuze ingevolge het overgangsrecht
* moeder en meemoeder zullen op dezelfde wijze als moeder en vader gebruik kunnen maken van het nieuwe naamrecht met alle keuzemogelijkheden die dat inhoudt, bij gebreke van een keuze of bij onenigheid krijgt het kind de naam van de meemoeder
* de verklaring van naamkeuze ingevolge het overgangsrecht (art. 12 Wet 8 mei 2014) kan enkel afgelegd worden onder voorbehoud dat ouders/adoptanten geen gemeenschappelijke meerderjarige kinderen hebben op de dag van het afleggen van de verklaring. Daarnaast wordt de termijn van 3 maanden om een verklaring van naamkeuze ingevolge het overgangsrecht af te leggen na een nieuwe geboorte of adoptie uitgebreid tot één jaar (bv. gemeenschappelijk kind geboren in 2013, nieuw kindje geboren in 2016). Bovendien krijgt iedereen één jaar de tijd om een verklaring van naamkeuze ingevolge het overgangsrecht af te leggen bij het vaststellen van een tweede afstammingsband van voor 1 juni 2014 geboren gemeenschappelijke minderjarige kinderen (bv. een erkenning in 2016 van een kind geboren in 2013).

Omzendbrief toepassing art. 316bis 2° BW

Op 8 december 2014 verscheen in Staatsblad de Omzendbrief ter aanvulling van de omzendbrief van 7 mei 2007 betreffende de wet van 1 juli 2006 tot wijziging van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het vaststellen van de afstamming en de gevolgen ervan. Concreet gaat het om de toepassing van art. 316bis 2° Burgerlijk Wetboek. Dit handelt over het uitschakelen van het vermoeden van vaderschap van de echtgenoot van de moeder wanneer het kind geboren is meer dan 300 dagen na de datum waarop de echtgenoten blijkens het bevolkingsregister, het vreemdelingenregister of het wachtregister op verschillende adressen zijn ingeschreven, voor zover zij nadien niet opnieuw zijn ingeschreven op hetzelfde adres. De omzendbrief verduidelijkt dat deze bepalingen strikt dienen geïnterpreteerd te worden. Er dient sprake te zijn van een verschillend adres na samenwoonst op hetzelfde adres binnen het huwelijk. Indien de echtgenoten op verschillende adressen waren ingeschreven sinds het begin van hun huwelijk, blijft het gewone vermoeden van vaderschap van toepassing. Hetzelfde geldt als één van de echtgenoten nooit is ingeschreven in één van de voormelde registers.

Familierechtbank

Vanaf 1 september 2014 is in elk gerechtelijk arrondissement een familierechtbank actief. De familierechtbank, een speciale afdeling van de rechtbank van eerste aanleg, behandelt alle familiale zaken. Dit heeft ook voor de ambtenaren en beambten van de burgerlijke stand gevolgen. Zo worden een heel aantal verwijzingen naar de rechtbank van eerste aanleg of de vrederechter in het burgerlijk wetboek, het wetboek internationaal privaatrecht, het wetboek van de Belgische nationaliteit en het gerechtelijk wetboek vervangen door een verwijzing naar de familierechtbank (gecoördineerde versies vindt u via de Justel-databanken).
Het is voortaan niet meer de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg die toelating geeft om genealogische opzoekingen te laten verrichten, maar de familierechtbank. De familierechtbank behandelt ook de toelating tot huwelijk van een minderjarige. Tegen een weigeringsbeslissing van een aangifte van huwelijk, de voltrekking van het huwelijk, de melding van een wettelijke samenwoning in de bevolkingsregisters of de erkenning van een buitenlandse akte/gerechtelijke beslissing zal beroep moeten aangetekend worden bij de familierechtbank in plaats van de rechtbank van eerste aanleg. De homologatie van een akte van bekendheid in het kader van een huwelijks- of nationaliteitsdossier gebeurt ook bij de familierechtbank. De familierechtbank staat in voor de vonnissen van echtscheiding of betwisting van de afstamming. Ook in art. 316bis (uitschakeling wettelijk vermoeden van vaderschap) wordt de familierechtbank ingeschreven. Last but not least doet de familierechtbank uitspraak in het belang van het gezin bij gebreke van overeenstemming tussen de echtgenoten om de echtelijke verblijfplaats vast te stellen (voorlezing art. 214 bij de huwelijksvoltrekking). Geschillen in verband met de toepassing van de wetgeving op de begraafplaatsen en de lijkbezorging worden trouwens voortaan door de vrederechter behandeld.

Inwerkingtreding nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid op 1 september 2014

De wetgeving inzake de nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid treedt op 1 september 2014 (Wet van 12 mei 2014 houdende wijzigingen en coördinatie van diverse wetten inzake Justitie, Belgisch Staatsblad 19 mei 2014). Een korte samenvatting van de nieuwe wetgevende bepalingen en de gevolgen voor burgerlijke stand en bevolking vindt u in dit overzichtsdocument. De instructies voor het Rijksregister vindt u hier.

Wijziging decreet begraafplaatsen en lijkbezorging

Op 19 juni 2014 verscheen in het Staatsblad het decreet van 28 maart 2014 houdende wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, wat de laatste wilsbeschikking en de begraving of crematie van levenloze kinderen betreft. Twee wijzigingen worden beoogd:
- het afleggen van een laatste wilsbeschikking wordt mogelijk vanaf 16 jaar
- de minimum-zwangerschapsduur van 12 weken voor de begraving of crematie van foetussen wordt afgeschaft.

Diverse bepalingen Justitie

Op 14 mei 2014 verscheen in het Staatsblad de Wet van 25 april 2014 houdende diverse bepalingen betreffende Justitie. In deze wet zijn er ook bepalingen die de burgerlijke stand aanbelangen. VLAVABBS stelt een uitgebreide samenvatting ter beschikking. De voornaamste wijzigingen alvast op een rij:
1. Modernisering burgerlijke stand (dit onderdeel van de wet treedt in werking op 24 mei 2014 !)
Het stapje voor stapje vereenvoudigen van de inhoud van de akten gaat door.

  1. Wijzigingen aan het Wetboek van de Belgische nationaliteit
    Het gaat enkel om kleine wijzigingen (o.a. in verband met de randmelding van een vervallenverklaring). Er verandert niets aan de voorwaarden of de procedure om de Belgische nationaliteit te verwerven, behalve dat nationaliteitsverklaring op basis van art. 12bis § 1 3° voortaan ook kan als adoptant van een Belgisch minderjarig kind. De gecoördineerde versie van het Wetboek van de Belgische nationaliteit op deze pagina werd eveneens bijgewerkt.
  2. Adoptie
    Ter info: ook hier zijn er kleine wijzigingen, die niet rechtstreeks van belang zijn voor de ambtenaar van de burgerlijke stand.
  3. Wetgeving inzake de onbekwaamheid en de instelling van een nieuwe beschermingsstatus die strookt met de menselijke waardigheid
    De inwerkingtreding van deze wetgeving wordt uitgesteld tot 1 september 2014 (bevestigd door de Wet van 12 mei 2014 houdende wijzigingen en coördinatie van diverse wetten inzake Justitie, Belgisch Staatsblad 19 mei 2014). Er zijn ook minder belangrijke technische wijzigingen in verband met deze wetgeving.

Koninklijk Besluit tot opname van de beslissingen in verband met schijnhuwelijken en schijn-wettelijke samenwoningen in de bevolkingsregisters en het wachtregister

Op 24 maart 2014 verscheen in het Staatsblad het Koninklijk Besluit van 28 februari 2014 (inwerkingtreding 3 april 2014), dat voorziet in de opname van de beslissingen in verband met schijnhuwelijken en schijn-wettelijke samenwoningen in de bevolkingsregisters en het wachtregister.
Voor schijnhuwelijken gaat het om de deze beslissingen:
- de afgifte van het bericht van ontvangst bedoeld in art. 64 § 1 Burgerlijk Wetboek wanneer aan het huwelijk een verblijfsrechtelijk voordeel verbonden is
- de weigering van de opmaak van een akte van aangifte van het huwelijk zoals voorzien in art. 63 § 2 2e lid en § 4 Burgerlijk Wetboek gemotiveerd door twijfels over de authenticiteit of de geldigheid van de documenten
- het uitstel van de voltrekking van een huwelijk zoals bedoeld in art. 167 2e lid Burgerlijk Wetboek
- de weigering van de voltrekking van een huwelijk zoals voorzien in art. 167 1e lid Burgerlijk Wetboek.
Voor schijn-wettelijke samenwoningen gaat het om de volgende beslissingen:
- het uitstel van de melding van de verklaring van wettelijke samenwoning zoals voorzien in art. 1476quater 2e lid Burgerlijk Wetboek
- de weigering van de melding van de verklaring van wettelijke samenwoning zoals voorzien in art. 1476quater 1e lid Burgerlijk Wetboek.
VLAVABBS vroeg al lang de opname van deze beslissingen in het Rijksregister of in een aparte databank. Op die manier kunnen de ambtenaren van de burgerlijke stand kennis nemen van eventuele antecedenten van betrokkenen op vlak van schijn-relaties en kan het fenomeen van "shopping" tussen gemeenten vermeden en opgevolgd worden. VLAVABBS vindt het spijtig dat - omwille van privacy-redenen - de gegevens slechts 5 jaar zullen bewaard worden. Spijtig is ook dat indien het toch - na een beroepsprocedure - tot een huwelijk of een melding van wettelijke samenwoning komt, de gegevens onmiddellijk gewist worden. Dit kan de opvolging van deze huwelijken of wettelijke samenwoningen bemoeilijken. Omdat de gegevens op termijn steeds gewist worden, blijft het absoluut van belang Dienst Vreemdelingenzaken goed in te lichten over de opeenvolgende beslissingen.
Concreet worden de beslissingen ingevoerd in de nieuwe informatiegegevens IT 124 en IT 125. De concrete codes en onderrichtingen vindt u terug in deze Omzendbrief van de FOD Binnenlandse Zaken.

Afschaffing identiteitsstuk voor pasgeborenen

Op 21 maart 2014 verscheen in het Staatsblad het KB van 22 oktober 2013 tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de verschillende identiteitsdocumenten voor kinderen onder de twaalf jaar. De voornaamste wijzigingen:
- het identiteitsstuk voor kinderen (het kleine vierkantje kaartje) wordt afgeschaft met ingang van 31 maart 2014. Het was onpraktisch, verouderd en onveilig. Bovendien kon men er niet mee reizen
- de geldigheidsduur van de KIDS-ID wordt standaard steeds drie jaar
- pleegouders en verantwoordelijken van pleeginstellingen kunnen voortaan een KIDS-ID of identiteitsbewijs (voor niet-Belgische kinderen) uitgereikt krijgen indien er een bewijs van de gerechtelijke beslissing of de beslissing van het comité voor bijzondere jeugdzorg wordt voorgelegd waarbij het kind aan de pleegouder(s) of een pleeginstelling werd toevertrouwd.
Alle informatie vindt u in de Omzendbrief van de FOD Binnenlandse Zaken.

Aanpassing KB 16 juli 1992

Op 17 januari 2014 verscheen in het Staatsblad het Koninklijk besluit van 5 januari 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 juli 1992 betreffende het verkrijgen van informatie uit de bevolkingsregisters en uit het vreemdelingenregister. Een nieuwe gebruiksmogelijkheid, namelijk het bekomen van informatie uit de bevolkingsregisters voor genealogische, historische of andere wetenschappelijke doeleinden wordt hiermee ingevoerd en geregeld. De informatie kan ter beschikking worden gesteld via uittreksels of getuigschriften, personenlijsten of rechtstreekse raadpleging. Bovendien wordt een kader met voorwaarden gecreëerd om de bevolkingsregisters op papier gehouden op een digitale drager over te zetten. De Minister van Binnenlandse Zaken publiceerde ook een omzendbrief over de wijziging aan het KB.
Concreet kan informatie uit bevolkingsregisters die meer dan 120 jaar geleden afgesloten werden zonder meer ter beschikking worden gesteld. Ook reproducties van de registers kunnen worden verstrekt, deze mogen echter niet verder verspreid worden. Voor uittreksels en getuigschriften met gegevens uit bevolkingsregisters die minder dan 120 jaar geleden afgesloten gelden is de toestemming van de betrokken persoon of verwant noodzakelijk. Het Verslag aan de Koning bij het KB benadrukt dat het aan de aanvrager zelf, en dus niet aan de gemeente, toekomt om aan deze toestemming te geraken. Bij gebrek aan afstammelingen in de eerste graad kan de toestemming worden gegeven door het college van burgemeester en schepenen. Dat laatste beslist ook over het afleveren van personenlijsten. Voor de aflevering van uittreksels, getuigschriften, personenlijsten en reproducties van registers mag de gemeente een kostprijs aanrekenen.

Personenlijsten scholen

Inzake het afleveren van personenlijsten aan scholen wijst de FOD Binnenlandse Zaken er nogmaals op dat een gemotiveerde beslissing van het college van burgemeester en schepenen noodzakelijk is, waarbij de nodige voorzichtigheid aan de dag moet worden gelegd. Het werven van leerlingen of zich positioneren op de scholenmarkt kan geen aanleiding geven tot het verstrekken van personenlijsten.

Hoorzittingen Vlaams Parlement en Kamer

Onze vereniging werd begin januari uitgenodigd in het Vlaams Parlement en in de Kamer van Volksvertegenwoordigers om onze visie op een potentiële hervorming van respectievelijk het begraafplaatsen- en lijkbezorgingsdecreet en de naamwetgeving toe te lichten.
Op 14 januari 2014 evalueerden voorzitter Steve Heylen en ondervoorzitter Martine Verbeek in de Commissie Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Decreetsevaluatie, Inburgering en Toerisme de Conceptnota voor nieuwe regelgeving over begraafplaatsen en lijkbezorging in Vlaanderen. Deze nota was een initiatief van Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers, die de voorbije jaren regelmatig parlementaire vragen stelde over de materie van de begraafplaatsen en de lijkbezorging. In het uitgebreide verslag kan u zien dat ook de VVSG, vertegenwoordigers van armoedeorganisaties, de begrafenisondernemers en de crematoria samen met onze vereniging het woord voerden.
Een week nadien, op 21 januari 2014, kwam in het Adviescomité voor de Maatschappelijke Emancipatie het standpunt van VLAVABBS over het regeringsontwerp ter herziening van de naamwetgeving aan bod. VLAVABBS was samen met onze Franstalige collega's van GAPEC uitgenodigd om de burgerlijke stand over de haalbaarheid in de praktijk van een herziening te horen. Voor VLAVABBS sprak voorzitter Steve Heylen, voor GAPEC voorzitter Danielle Adriaenssens en secretaris Francine Vandenhende.
VLAVABBS vindt het alvast zeer positief dat de volksvertegenwoordigers bereid waren de praktijk via onze beide verenigingen aan bod te laten komen. In het eindadvies en verslag werd alvast vermeld dat een hervorming duidelijk, administratief en technisch uitvoerbaar moet zijn. Wij blijven dit opvolgen.

Schijnrelaties

Ambtenaren van de burgerlijke stand zijn reeds lang vertrouwd met de problematiek van de schijnhuwelijken en -wettelijke samenwoningen, alsook de gedwongen huwelijken en wettelijke samenwoningen. Schijnrelaties zijn een ernstig maatschappelijk probleem dat jaarlijks een groot aantal slachtoffers maakt. De impact van een schijnrelatie op het leven van een slachtoffer kan erg groot zijn, zowel financieel, psychologisch tot soms zelfs fysiek. Om slachtoffers te bereiken en bewust te maken zet de overheid een grootscheepse informatiecampagne op poten. U vindt er alles over op deze website.

Wetswijzigingen strijd tegen de schijnhuwelijken en de schijnwettelijke samenwoningen

Op 23 september 2013 verscheen in het Staatsblad de Wet van 2 juni 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek, de wet van 31 december 1851 met betrekking tot de consulaten en de consulaire rechtsmacht, het Strafwetboek, het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, met het oog op de strijd tegen de schijnhuwelijken en de schijnwettelijke samenwoningen. De wijzigingen treden op 3 oktober 2013 in werking. Twee omzendbrieven betreffende de toepassing van deze wetswijzigingen en de gegevensuitwisseling met de dienst vreemdelingenzaken met meldingsfiche werden eveneens gepubliceerd in het Staatsblad van 23 september. VLAVABBS zorgde voor een gecoördineerd overzicht met de wijzigingen per artikel. Uitgeverij Vanden Broele organiseert in samenwerking met VLAVABBS twee studiedagen in Gent en Leuven over deze materie.

Registratie wilsverklaring euthanasie

De FOD Volksgezondheid stelt een publieksfolder ter beschikking over de wilsverklaring euthanasie. Daarnaast maakte de FOD ook een korte handleiding hoe het formulier wilsverklaring euthanasie correct in te vullen. Alle documenten en informatie over euthanasie (FAQ, wetgeving, blanco formulier, enz.) is terug te vinden op www.euthanasiewilsverklaring.be.

Wijziging decreet begraafplaatsen en lijkbezorging

Op 15 maart 2013 verscheen in het Staatsblad het decreet van 22 februari 2013 houdende wijziging van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, wat de vermelding van het bestaan van een uitvaartcontract in de wilsbeschikking betreft. Een uitvaartcontract is een contract dat de laatste wilsbeschikking van een persoon regelt en dat gesloten wordt tussen een privépersoon enerzijds en een notaris, een begrafenisonderneming, een verzekeringsmaatschappij, ... anderzijds. De ambtenaar van de burgerlijke stand kan voortaan na een overlijden de begrafenisondernemer en de eventuele nabestaanden op de hoogte brengen van het bestaan van een contract met de precieze bepalingen van de wilsbeschikking van de overledene, indien deze dat afgesloten en laten registreren heeft in zijn laatste wilsbeschikking bij de gemeente. De laatste wilsbeschikking kan dus informatie bevatten over: de wijze van lijkbezorging, de asbestemming, het ritueel van de levensbeschouwing voor de uitvaartplechtigheid, de gemeente waar men begraven wil worden of de gemeente waar de as begraven, bijgezet of uitgestrooid moet worden en het uitvaartcontract.